zondag 8 december 2024

Talking to two Vietnamese women at the fish market | Hô Trám
LIVING FULLY
‘Learning to be present with yourself and to abide in that what is steady and comfortable does not allow space for self-judgement. When you live this way you are not practising yoga: you are living fully.’
- Judith Hanson Lasater


Al minstens een kwart eeuw doe ik aan yoga. Volgens mij startte ik ooit mijn allereerste lessen met zwangerschapsyoga tijdens de zwangerschap van onze oudste dochter, nu zesentwintig jaar oud. Een verschrikkelijk lieve juf gaf les in haar huiskamer in Rhenen. De sfeer was zo zen en liefdevol. Kaarslicht, fijne zachte muziek, een wierookstaafje en overal kussens.  Daar is mijn liefde voor yoga ontstaan. De drie jaar die volgden in Amerika deed ik aan zwemmen en hardlopen. Terug in Breda bezocht ik weer zulke fijne yogalessen op een oude zolder van een basisschool. Een spiritueel levenslesje vooraf, elke les afsluitend met een getrokken tarotkaart en een kopje thee. Een lieve juf die na de geboorte van onze jongste en tegelijkertijd het verlies van mijn moeder nog thuis op bezoek kwam. Een goed mens. Uiteindelijk kwam ik natuurlijk terecht bij mijn huidige yogaschool, die er twintig jaar geleden nog niet zo uitzag als nu. De lessen vonden destijds plaats in een gehuurd zaaltje van een cultureel centrum, naast de priklocatie waardoor er altijd veel wachtende patiënten voor onze ingang zaten. De Amerikaanse juf was énorm inspirerend. Altijd een thema vooraf aan de les waar je iets mee kon naast je yogamat, in je leven. Goede muziek. Een paar jaar later kocht ze het hele gebouw op en een steeds voller lesrooster volgde. Ik heb daar geweldige yogaleraren leren kennen. Er kwam steeds meer bij zoals lessen met etherische oliën, acupuncturiste Ilona en andere therapeuten in het gebouw en lessen met klankschalen. Haar imponerende Amerikaanse goeroe Robert kwam soms naar Breda en ook haar vriendin, een Israelische yogajuf Nicki en zelfs Veda uit Costa Rica bezochten de school regelmatig om extra trainingen en lessen te geven.  Later ook yoga in hangmatten en een jaarlijks retreat van een week op Ibiza. Ze startte ook een yoga lerarenopleiding. Uiteindelijk kwam er een keuken en cafeteria bij. En toen verkocht ze de yogaschool aan twee leerlingen, een koppel. Veel leraren vertrokken, er zijn nieuwe voor terug gekomen. Het is absoluut een fijne, vertrouwde plek. Toch kan ik er nog steeds niet altijd m’n draai vinden. Tijdens onze reizen probeer ik altijd yogalessen te volgen. Op de meest fantastische plekken over de hele wereld. In de binnentuin van een eeuwenoude okergeel gekleurde Mexicaanse haciënda, op een houten steiger boven een azuurblauwe zee in Belize, in het bos van levende vulkaan Popocatepetl, naast het zwembad op het warme Ibiza, in het Afrikaanse Kaapverdië aan het strand bij zonsopgang en onlangs nog in hangmatten in Singapore. En nu dus in Vietnam… Ik had best wel wat verwachtingen en hoop opgebouwd. Ik stond voor zes uur in de ochtend op, snel m’n yogakleding aan bestaande uit een kort sportbroekje en een blauwe Tshirt-bra. Er overheen een sweater van m’n lief. Hij ging tegelijkertijd een work-out doen in de gym. Er waren twee andere Westerse vrouwen op komen dagen. De juf was piepjong en heel onzeker. Ze sprak geen Engels en daarom was er een collega uit het resort bij om te vertalen. We zaten op ons matje, ik op een opgerolde handdoek bij gebrek aan blokken. De man verzocht ons om te staan. Hij stelde officieel de juf voor en kondigde aan dat de les ging beginnen. We startten met een warming up die begon met onze enkels, via onze knieën naar onze schouders. Er werd helemaal niet op ademhaling gelet. Eigenlijk precies dezelfde warming up als die ik kreeg bij atletiektrainingen. De deur van de zaal stond wijd open en ik hoorde het lawaai uit de gym ernaast. Ik vroeg de man de deur te sluiten. Daarna ging de juf, gekleed in een zwarte spijkerbroek (!), voor de muurspiegel met haar ogen gesloten in lotushouding zitten. Ze vertelde verder niks over een ademhaling. Ik geloof dat deze tijd aan een meditatie besteed moest worden. Mij lukte dat niet, haar ook niet: ik zag dat ze steeds op haar horloge keek. Ik ging zelf maar een vierkant van vier tellen in-, vasthouden, uitademen en weer vasthouden volgen. De man kwam tijdens een vooroverbuiging naast mij zitten en zei dat ik mijn handen verder vooruit moest lopen. Ja, ja. Ik weet dat ik dit met een holle rug wil doen, niet met een bolle. We deden één yogische heldenhouding aan één kant en toen stopte de les abrupt. Eén kant? Geen ontspanning aan het einde van de les? Ik was flabbergasted. Wat een ontgoocheling! Later hoorde ik dat de échte yogajuf een blessure had… Heel dapper van haar om deze les te geven. De volgende gereserveerde yogales heb ik maar afgezegd. Ik ga wel vroeg in de ochtend baantjes in één van de baden zwemmen, of heel misschien zelfs wel in de Zuid-Chinese Zee (die hier trouwens Oostzee genoemd wordt). 


Op zaterdagavond wilden we het graag proberen. Een taxi naar de visrestaurantjes die we een paar dagen eerder overdag gezien hadden. Het was een komen en gaan bij de grootse en chique entree van ons hotel.  Hup, een taxi in en voor twee euro reden we in nog geen tien minuten naar de visrestaurants bij het strand. De teilen met verse vis stonden er nog precies zo en de menigte eromheen koos de verse vis, schelpen, kreeften of garnalen. Alles per kilo. Wij kozen een kilo garnalen, gegrild met knoflook. Dat lukte niet helemaal, de knoflook moesten we erbij denken. Net als de gebakken noodles met ei, die werd zonder ei geserveerd maar met paksoi. De gekarameliseerde groenten daarentegen kwamen juist met veel knoflook. Hoera voor google translate! Alles smaakte toch heerlijk. Op de lage tafel stonden piepkleine plastic bakjes met een mini limoentje erin, ernaast zeezout met peper. Heerlijk op de door mijn lief gepelde garnalen. Het was wel een uitdaging om de lange noodles met stokjes en een lepel netjes naar binnen te werken. Om ons heen slurpte men ze naar binnen. We zagen kreeften in stukken geknipt worden met een schaar, veel oesters en vooral veel schelpen. Afwas lag naast je tafel in een plastic teil. Lege blikjes drank werden op de grond gegooid. We zaten op lage, bijna kinderstoeltjes. Plastic bekers met een groot stuk ijs erin stonden al klaar op tafel. Het blok ijs hebben we voor de zekerheid maar weg gegooid. Ongelofelijk druk onder dit gegolfde dak. Ik keek mijn ogen uit. Een dame droeg een lange stok op haar schouders met twee manden met takken met lychees erin. Ze verkocht als het ware het dessert. Een andere dame liep juist met een grote mand met pelpinda’s als voorgerechtje. Alles tussen de rennende obers door. Verkopers met ballonnen liepen met hun waar langs de lange tafels. We hebben beiden heerlijk gegeten, veel gemorst ook, maar dat hoort er hier bij.


Hô Trám, Vietnam | 7 december 2024 

vrijdag 6 december 2024

Having my nails done in a Vietnamese studio
HŌ TRÁM

“After the rain, good weather.

In the wink of an eye,

the universe throws off its muddy clothes.” 

- Ho Chi Minh


Na een ochtendwandeling, vanuit ons hotel, van ruim een half uur over een weg parallel aan zee kwamen we bezweet in het dorpje Hô Trám terecht. Óveral visrestaurantjes. We volgden het met vlaggen versierde pad naar de levendige vismarkt. Langs de weg overal grote terrassen met rode plastic stoelen overdekt met golfplaten. Elke ingang van het geimproviseerde restaurant werd versierd met tientallen teilen met vers gevangen levende inktvis, grote en kleine schelpdieren, kleine roggen en garnalen. Een enkele moedige garnaal of groot schelpdier probeerde z’n lot te ontlopen door uit de plastic teil te ontsnappen. Naast de vele teilen vaak een weegschaal voor de verkoop. Pal naast het witte strand lag de authentieke vismarkt. Werkelijk zo rechtstreeks uit de visboot getild de, met water gevulde, teilen op de markt in. Verser kun je je niet voorstellen. Inkopers voor hotelrestaurants. De werkende dames vaak een typisch Vietnamees hoedje op. We liepen door naar het strand waar vissersbootjes, die net terug kwamen van zee, in de branding aanlegden. Geschilderde boten op het zand waar de lichtgroene visnetten met oranje plastic drijvers geschoond werden van dode krabbetjes die helemaal vastzaten in de gazen van het net. Boten die hun buit verkochten op het strand. Wat een levendigheid en wat een fotogenieke scène. M’n lief en ik liepen vervolgens het dorp in voor een koude thee en vruchtensap. Een soort best wel hip  backpackers café was eigenlijk gesloten maar moeder en dochter wilden ons toch graag serveren. Mijn lief nam bezweet plaats recht naast de ventilator. Met Google translate konden we onze keuze maken. Eenmaal afgekoeld vroeg ik de dochter naar een plek om mijn teennagels te laten verzorgen en lakken. 


Tweehonderd meter verder liepen we voorzichtig en misschien een beet argwanend een rommelig winkeltje in. Nauwelijks herkenbaar als een nagelstudio wisten we dat zij deze plek bedoelde. Twee rode oude, versleten kapperstoelen voor een spiegel. Een stretcher met een verveelde peuter erop. Harde Vietnamese muziek uit de aangrenzende huiskamer waar papa in een hangmat lag te relaxen voor de TV. Twee kinderfietsen tegen de muur. Een dame liet haar felrode teennagels drogen onder een machientje. We waren op de juiste plek! Schoenen uit bij de entree. Ik kreeg een karton met veel proefjes van kleurtjes lak, terwijl mijn voeten in een teiltje met water ondergedompeld waren. Op een laag krukje nam de eigenaresse voor me plaatst en verzorgde zeer professioneel m’n nagelriemen en verwijderde de oude lak. Ik zat te genieten. Naast me stond m’n beker verse, klaargemaakt van kruiden, icetea op een grote vriezer. Opa kwam ook langs om met z’n kleinzoontje te spelen. Ik houd hier zo van! Kennismaken met het lokale leven. Ze bleekte mijn nagels met een verse halve citroen. Haar kleine handdoekjes kwamen niet rechtstreeks uit de wasmachine.  Alhoewel ik wel de was aan de lijn naast het huis zag hangen. Zó anders dan het overprijsde Grand Hotel waar wij nu verblijven. In plaats van hun dertig euro, omgerekend van de prijslijst uit de spa, betaalde ik nu drie euro voor hetzelfde resultaat! En een veel leukere ervaring rijker.  Terug wandelden we over het strand met onderweg als cadeau een mooi uitzichtpunt op rotsen. Terug naar ons vijf sterren hotel met vijf zwembaden, zeven restaurants, een peperdure spa, een groot casino, een zeer uitgebreid ontbijtbuffet, een kleine bioscoop, een bowlingbaan en een heuse night club. Ook daar kunnen we heus van genieten hoor. 


Hô Trám, Vietnam | 5 december 2024

dinsdag 3 december 2024

On our way to Vietnam!
VERBINDING
Als je weet waar je vandaan komt, sta je meer in verbinding met jezelf, maar óók met de ander.’
-Ezra Böhmer


Ik had geen woorden voor dit afscheid op mijn voorlopig laatste werkdag. In plaats daarvan vroeg ik haar of ik haar een kus op haar wang mocht geven. Dat mocht. Deze vrouw had haar keuze heel bewust gemaakt. Deze hospice bewoonster was thuis al begonnen met stoppen met eten. Dat was niet moeilijk, vertelde ze. Ze at door de pijn nog maar weinig. Ze was kilo’s afgevallen, vervolgde ze. Nu ze bij ons woont en ze helemaal  gestopt is met eten en drinken zal ze binnen twee weken komen te overlijden. Haar laatste dagen zijn aangebroken. Ze heeft er naartoe geleefd en haar best ervoor gedaan.  De huisarts is vanmorgen langs gekomen om afscheid te nemen, dat wilde ze heel graag. Hij was decennia lang haar huisarts geweest. Ze wilde niet meer gewassen worden. ‘Waarom nog?’, antwoordde ze op de vraag. Toen ik haar met rolstoel en een dikke winterjas aan op het balkon zette om een sigaret te roken heb ik onderwijl met een collega haar bed verschoond. Een glijdeken op het matras gelegd zodat ze straks makkelijk verzorgd kan worden als ze vanmiddag in slaap gebracht wordt. Ik had een glas met ijsblokjes meegebracht en ging gehurkt naast haar rolstoel op het balkon zitten. Het was een mooie ochtend. Knalblauwe lucht, winters zonnetje erbij. Koud. Ze had net twee eekhoorns gezien. Ze vond het een heugelijke dag, eindelijk was het zover. De arts had immers ingestemd met sedatie. Een natuurlijke dood. Ze had er goed over nagedacht vertelde ze. Ze had veel pijn. Haar man was deze maand negen jaar geleden overleden. Ze miste hem heel erg. Ze was er sterk van overtuigd hem snel aan de andere kant te zien. ‘Hij haalt me daar op’. Wanneer ze haar droge tong bevochtigd had met een ijsklontje moest ze het smeltwater uitspugen. Ze had bij aankomst een contract ondertekend dat ze niks mocht eten en drinken. Ook geen slokje water bij het tandenpoetsen. Of een slokje bij het tong bevochtigen. Haar bezoek mocht haar niks te eten of te drinken geven. Dat zou haar leven verlengen en ze woonde bij ons om te sterven. Ze wilde snel en pijnloos sterven. Ze had geen recht op euthanasie ondanks haar onbehandelbare klachten. Ze sprak tegen mij over haar zoon en dochter. Haar zoon en schoondochter zouden straks nog even komen om afscheid te nemen. Met haar dochter had ze al lang geen contact meer, zij zou niet komen. Zoon en zijn vrouw mochten van haar niet in de kamer blijven tot ze ging slapen. Ze wilde ook niet dat ze in de dagen erna nog langskwamen. ‘Wat heb ik eraan?’ vroeg ze zich af. Ik vertelde haar dat ze gesedeerd nog wel alles hoorde. Ze haalde haar schouders op. Ze vroeg me of ik ervoor wilde zorgen dat de foto van haar man, dat op het nachtkastje stond, op haar borst zou komen te liggen als ze in slaap gebracht werd. Dat beloofde ik. Toen ik bij het einde van mijn dienst, minuten voor haar sedatie, op haar kamer kwam lag ze in alle rust op haar bed met de foto al stevig omklemd op haar borst. ‘Over een paar dagen ziet u uw man weer’, zei ik. Ze straalde. Ze lag daar heel sereen te wachten in haar bed. Kalm. Ze was er meer dan klaar voor. Ik kon geen juiste laatste woorden bedenken dus vroeg ik haar een kus op haar wang te mogen geven. ‘U bent heel dapper’, fluisterde ik. Ze keek me na toen ik naar de deur liep. Ik keek in de deuropening nog een keer om, ze keek me aan en stak langzaam haar hand op. Ik ook terwijl er tranen in mijn ogen opwelden. Later zag ik haar zoon en schoondochter beneden met mijn collega aan de keukentafel zitten. Wachtend op het in slaap brengen van hun (schoon)moeder. Ze wilden morgen tóch langskomen….


Er volgt inderdaad na anderhalf jaar een nieuwe Azië reis. Er volgt na een lange reis met ons gezin op Borneo gelukkig wederom een weerzien met ons complete gezin. Dit keer in Vietnam. Mijn lief en ik zijn er al heen gevlogen. Anderhalve week later volgt de rest van ons gezin.  We hadden toen in Singapore al voorspeld dat er een weerzien zou komen. Het was destijds geen afscheid. We wisten alleen niet waar en wanneer. Natuurlijk kwam onze verre afstandsdochter vorig jaar met Kerst naar huis. Heerlijke dagen samen. Dat samenzijn moment - inclusief onze jongste die na vijf maanden in Australië zich ook weer bij ons voegt - staat er gauw weer aan te komen. Heel snel! Na onze overnachting vlakbij de luchthaven van Ho Chi Minh pakten we een Grab naar de limousine service middenin het drukke centrum van deze stad gevuld met miljoenen scootertjes die als wildebrassen rijden. Veel scooterrijders dragen een groen hesje van Grab, je kunt dus ook een ritje boeken achterop de scooter! Naast het prachtige, gereserveerde resort aan zee, zo’n twee uur rijden van de stad, wordt een nieuw hotel gebouwd. We schrokken van het bouwlawaai en zijn kort daarna weer uitgecheckt en naar een ander superluxe, maar stil strandhotel verhuisd, met hulp van de begripvolle resort manager. Acht dagen samen met m’n lief alleen strand, zee, warmte, een goed boek en lekker eten.


Hô Trám, Vietnam | 3 december 2024

dinsdag 26 november 2024

My chemistry teacher almost 40 years later!
THE GLIMPSE OF WHO I WAS
‘One of things I like about looking at pictures when you're young and also meeting back with old friends you haven't seen in a long time is, for me, it's a glimpse of who I was.’ 
 - Lea Thompson 

Parkeren rondom de jarige school, die een halve eeuw bestond, was af te raden vanwege de grote verwachtte drukte. De reünie van mijn middelbare school in Hoorn. Mijn schoolvriendinnetje van toen, die nu al meer dan dertig jaar in Frankrijk woont, kwam voor de gelegenheid bij mij logeren. We vonden een parkeerplekje op een bedrijventerrein vlakbij. ‘Niet voor onbevoegden’ stond er op het bordje. Lekker stout deden we het tóch. Ik zette nét mijn voet buiten de deur van de auto toen ik keihard een fiets hoorde afremmen. De eerste bekende van de schoolreünie na bijna veertig jaar! Hij herkende me meteen en we liepen op elkaar af. Hoe leuk om elkaar na zoveel decennia weer te zien. Hij zat bij mij op de lagere school in de zesde klas. We hadden samen rekenen op de gang, want wij hadden het klassikale rekenboek al uit en kregen extra lesstof. Hij speelde de hoofdrol Stach in onze schoolmusical ‘De koning van Katoren’. We gingen naar dezelfde brugklas. Ik had als twaalf- of dertienjarig meisje misschien wel een tiny little crush voor hem, ik vond hem zeker interessant. Een schoolvriendinnetje van mij destijds was verliefd op zijn schoolvriendje. We schreven samen een romantisch briefje aan de jongen en hij antwoordde onomwonden ‘Ik vind je verre van knap’. Wij hebben er lang over gedaan om te begrijpen wat hij daarmee bedoelde. Het was echt leuk om elkaar weer te zien. De klik was er gewoon weer. Ik vond het boeiend om te horen hoe zijn leven was verlopen. Hoe hij van een iel twaalfjarig jongetje uitgegroeid was naar een sportieve vent. Hij noemde mij zijn vriendinnetje van de lagere school. Hij vertelde dat z’n schoolvriendje van toen ook op de reünie was. Ik zocht hem op en heb hem de liefdesanekdote van het briefje verteld, maar hij herinnerde zich er helaas niks meer van. Ik had met een andere schoolvriend (uit mijn laatste twee jaren van het atheneum) afgesproken. We hadden elkaar vooraf aan de reünie gevonden op LinkedIn. We zouden elkaar sinds 1987 weer voor het eerst ontmoeten. Hij berichtte al dat hij binnen was. We herkenden elkaar meteen tussen alle mensen, zijn onveranderde stem, en alle herinneringen kwamen terug. Hoe we met de overvolle LADA van zijn vriend, onze klasgenoot die nu in Florida woont, van Hoorn naar Bergen of Heerhugowaard reden om daar te dansen in een grote discotheek. Alle discotheken groot en klein in de buurt en stadscafé’s waar we uitgingen, kwamen weer voorbij. Hoe meer we deelden hoe meer herinneringen weer op popten. Hoe we in de tussenuren op school zo gelachen hadden. ‘Jij was altijd zo spontaan’ zei hij, ‘ik moest altijd zo met jou lachen’. Leuk om terug te horen. Ik herinner me een keer dat de eerste twee of drie uur van het lesrooster uitgevallen waren en we bij mij thuis thee gingen drinken. Met z’n viertjes. Mijn moeder deed verrast, in haar knalroze ochtendjas tot aan de grond, open. Daar stond ze met haar ochtendhaar alle kanten op, in de opening van de deur. Als een roze zuurstok. Ik kon wel door de grond zakken. Hij herinnerde zich alleen de thee en niets meer gelukkig. Wij zouden samen zakken voor ons eindexamen, stonden er samen slecht voor. Afgesproken dat we samen het schooljaar over zouden doen. Uiteindelijk zakte hij inderdaad en slaagde ik in één keer met alleen maar naar boven afgeronde zesjes. Ik voelde me daar wel wat opgelaten over destijds. 

Er was een grote opkomst uit mijn examenjaar op de reünie. Inmiddels allemaal mevrouwen en meneren van halverwege de vijftig! Ik had twee klassenfoto’s uit de jaren ’80 op mijn telefoon gezet. Dat bleek een uitkomst om aan te wijzen wie we toen waren. Veel meiden uit mijn klas, die bij slecht weer in hun kletsnatte regenpakken uit de buurtdorpen in West-Friesland aan kwamen fietsen in grote groepen, woonden daar nog steeds. Mijn Engelse leraar was er ook. Hij had me gematst met wat tienden punten extra erbij voor een tentamen zodat ik uiteindelijk dus nèt geslaagd was. Hij belde me daarover thuis op. Doodzenuwachtig was ik, weet ik nog. Op de reünie hoorde ik dat hij vaker wat cijfers opschroefde als het nodig was. Hij kreeg deze avond zoveel aandacht dat ik hem niet heb kunnen spreken, helaas. Veel leraren waren bijna tachtigers of waren tachtigers. De tijd had niet stilgestaan. Allemaal senioren maar nog steeds herkenbaar. Er stond een photobooth in de aula waar we met oude vriendinnengroepjes foto’s maakten. Er was een lekker buffet. Er kwamen diverse bandjes optreden met muziek uit onze tijd. Ik heb gedanst. Ik wilde heel graag mijn scheikundeleraar weer zien omdat hij en zijn lessen mijn inspiratie waren om scheikunde te gaan studeren. Ik wilde dat graag persoonlijk met hem delen. Hij had een lesje in het scheikundelokaal gegeven, ik kwam te laat. Iedereen liep net het lokaal uit. Ik liep het lege lokaal in en ik had het nooit verwacht maar hij herinnerde mij meteen. ‘Jij hebt les van mij gehad - even een stilte - in 1986’ zei hij. Ik reageerde verrast dat het klopte en ook het examenjaar daarna. Hij vertelde dat het zijn eerste jaar op mijn school was, hij was toen pas zesentwintig jaar! Ik hield van de practica, de experimenten die hij voordeed op zijn hoge tafel met een bunsenbrander voor de klas. Ik zat voorin en genoot ervan. Daarna moesten we het nadoen in de zuurkast achterin het lokaal. Hoe hij de chemische vergelijkingen uitschreef op het bord en ik ze netjes overschreef in mijn practicumschrift met harde kaft. Hij was vanavond één van de jongste leraren. Ik vertelde hem dat zijn inspirerende lessen en mijn studiekeuze ervoor zorgden dat ik mijn echtgenoot in 1987 ontmoette in de collegezaal van de universiteit. En dat we volgend jaar dertig jaar getrouwd zijn. Hij vond dat leuk en ik vond het geweldig dat hij mij meteen herkende! Die reünie-avond heb ik zoveel herinneringen opgehaald uit mijn pubertijd. The glimpse of who I was. De opmerking ‘Anja was vroeger heel knap hè, met dat blonde lange haar’ van een jongen uit mijn klas deed me toch wat. Adrenaline stroomde nog lang na de reünie door mijn aderen. Ook de levensverhalen van klasgenoten die indrukwekkend waren resoneerden nog lang na. Er zijn veel foto’s gemaakt. Opvallend was wel dat iedereen nog steeds in West-Friesland woont. Op een paar uitzonderingen na. De enige met wie ik na al mijn omzwervingen over de wereld contact gehouden heb was mijn logeetje uit Frankrijk. Ik had zo naar de reünie uit gekeken, had best hoge verwachtingen. Ik heb een heerlijke tijd op die school gehad. De reünie overtrof al mijn verwachtingen!

dinsdag 19 november 2024

Salvador and I in the veterinary hospital...
STERVEN
‘Such short little lives our pets have to spend with us, and they spend most of it waiting for us to come home each day.’
- John Grogan


Arme kleine Salvador, wéér met spoed op weg naar het dierenziekenhuis in Waalwijk. Dinsdagavond heel laat vertrokken we in het pikkedonker met grote spoed, met een gevulde poezentas op schoot, in de auto. Ik mocht een week niet autorijden vanwege mijn nieuwe medicijnen dus we hadden zo’n geluk dat mijn lief thuis was. Eigenlijk ook geluk dat er überhaupt een auto voor de deur stond, want mijn lief had de spiegel van zijn Tesla afgereden. Die auto was de dag ervoor door de wegenwacht opgehaald. We kregen na heel veel moeite pas een vervangende auto. Ik zat rustig het journaal op TV te kijken in de voorkamer toen Salvador op schoot kwam liggen. Zijn eerste sprong mislukte en hij viel weer van de bank. Dat verbaasde me maar ik lette er niet bijzonder op. Ik voelde wel een vreemde vibe, hij lag misschien iets te zwaar of té relaxt ofzo. Zijn zus kwam naast mijn benen liggen en Salvador lag met z’n kop helemaal langs mijn been naar beneden gezakt op haar buik. Zij lag op haar rug. Ze was heel lief voor hem, likte hem op z’n duffe koppie. Het journaal was afgelopen en ik wilde eens testen of hij eigenlijk wel oké was. Ik zette hem op de grond. Het arme beest gleed met z’n achterpoot bij elke stap weg. Ojee! Schrikken! Ik riep naar mijn lief in de achterkamer die met een koptelefoon op Netflix zat te kijken ‘Kom gauw, er is iets mis met Salvador!’. We keken naar hem en ik belde meteen de dierenarts en liet me doorverbinden voor een spoedgeval met het dierenziekenhuis. We mochten meteen komen. Ik liep direct door naar de garage om de poezentas te pakken en in de frisse kou daar kreeg ik een ingeving. Ik had die ochtend mijn nieuwe medicijn, in de vorm van een rood-witte dragee, naast mijn bakje yoghurt gelegd en liep terug naar de keuken om mijn theezakje eruit te halen en terug te keren met mijn kop kamillethee. Ik heb mijn pil toen niet meer gezien en ook niet gemist. Pas tijdens de yogales dacht ik eraan of ik nou wel of niet mijn pil had ingenomen. Ik zou eenmaal weer thuis kijken op de eettafel. Daar lag niks. Zou ik hem toch wél ingenomen hebben? Ik heb die middag gestofzuigd, ook de eettafel, en geen opvallend felgekleurde pil gevonden. Hij moet ermee gespeeld hebben. Stel dat…nee, dat zal toch niet? Ik griste die late avond toch maar mijn medicijnendoosje mee in mijn jaszak. Onderweg in de auto besprak ik de ingeving met mijn lief. Hij had die avond gemerkt dat Salvador bij de tuindeur met iets zat te spelen, iets intrigeerde hem daar op de grond. Dat moet achteraf het moment zijn geweest dat hij de pil opat. De lieverd is daarna naar me toegelopen. Dáárdoor konden we vrij snel acteren. Stel dat hij het in de ochtend had gegeten toen er niemand thuis was? De dierenarts wachtte ons op en ik zei meteen dat ik wist wat er aan de hand was, onderwijl het medicijnendoosje in zijn hand drukkend. Hij stelde ons meteen gerust dat hij dit medicijn goed kende: ze geven het namelijk aan dieren - zelfs konijnen - om rustig te worden voor een onderzoekje bijvoorbeeld. De vraag was of mijn dagelijkse dosis toxisch zou zijn voor zijn lijfje van ruim vier kilo.  Ze wilden hem de nacht daar houden voor een infuus en om de vier uur norit toedienen om het gif in zijn maag aan te binden. Ik wilde hem niet zijn trauma van twee jaar geleden laten herbeleven. Hij kreeg toen een katheter waarvan ze geen passende zakjes hadden dus ze lieten zijn urine gewoon in het hokje lopen. Hij lag in zijn eigen stank, en een kat is juist heel schoon op zijn vachtje. Erbarmelijk. Hij bleef al die dagen angstig naar de deur kijken die de hele tijd open en dicht ging omdat hun voorraad supplies daar ook lag. Zó schrijnend om te zien. Later heb ik hem laten verplaatsen naar een andere plek. Hij kreeg deze onfortuinlijke nacht een tijdelijk onderhuids infuus om vocht toe te dienen en de eerste shot norit. Thuis gingen we ’s nachts verder met zijn medische verzorging. Hij sliep bij ons op de kamer. We hadden een tijdelijke kattenbak gefabriceerd en een bakje water neergezet. Hij maakte van beiden gebruik. Hij was zo suf. Ik legde een lauwwarme pittenkruikje bij hem neer. Ik sliep niet diep om te luisteren waar hij was en we moesten hem die nacht weer norit geven. Hij kwam goed door de nacht. Ik bleef in de ochtend nog langer in bed bij hem liggen om hem te aaien en warm te houden tegen mij aan. Eind van de middag ging hij lopen, beneden naar de kattenbak, en eten. Hij keek nog wel wat lodderig uit zijn ogen. Tenslotte had hij een enorme trip gemaakt. Salvador die heel vaak ’s nachts de bloemen uit een vaas vist en regelmatig daarbij de hele vaas omgooit. Salvador die wanneer hij buiten natgeregend is lekker met een handdoek afgedroogd wil worden en daar ook om vraagt. Salvador die elke avond na het eten bij mijn lief op schoot kruipt voor een knuffelsessie. Salvador die heel netjes elk brokje dat naast zijn eetbakje valt opeet. Salvador die élke ochtend als hij gestommel hoort naar boven komt om op het grote bed te knuffelen en dan op ons warme plekje blijft liggen. Terwijl ik dit schrijf ligt hij lekker languit op schoot. De meiden waren zich kapot geschrokken na mijn berichtjes in de gezins‘app. We hadden ze pas de volgende ochtend ingelicht toen we zagen dat hij het wel ging redden. Onze allerliefste Salvador, onze allergrootste, harige vriend.  


Ik kwam de ruimte in en daar stonden twaalf stoelen in een kring. Op de grond in het midden lagen tientallen fotokaarten. Natuurlijk had ik wel zoiets verwacht. Een tweedaagse training om te mogen werken met mensen die op korte termijn gaan sterven en hun naaste familie. Onszelf voorstellen aan de hand van een gekozen fotokaart, gesprekstechnieken maar vooral luistertechnieken oefenen, situaties aanvoelen, een voorwerp meenemen waaraan je erg gehecht bent, maar ook onze eigen rouwverwerking stond op de agenda. Een heel intieme setting dus met collega’s die ik niet kende. Van zestien jaar oud tot en met zeventig. Sommigen werkten bij mij in het hospice, sommigen in een verzorgingstehuis, sommigen in een ander hospice in Breda en enkelen bij palliatieve thuiszorg. Uiteraard kwam het sterfproces uitgebreid aan bod. Na een lange intense dag van veel praten en luisteren was ik doodvermoeid toen ik weer buiten stond. Ik heb deze week nog een hele opleidingsdag te gaan. De week erna ben ik nog één dagdeel ingepland om te werken en dan kom ik pas in januari weer terug om me volledig in te zetten. Ik kijk er naar uit. Er heerst daar een aangename, rustige sfeer. Fijn om er te mogen zijn voor zes stervende bewoners en hun naasten in ons huis. 

dinsdag 12 november 2024

Relaxing eye mask from Singapore
FANTOOMPIJN
‘But who can remember pain, once it’s over? All that remains of it is a shadow, not in the mind even, in the flesh. Pain marks you, but too deep to see. Out of sight, out of mind.’ 
- Margaret Atwood

Er was een relatieavond voor bedrijven op maandagavond. Ik was uitgenodigd via mijn lief. Samen kwamen we eind van de middag aan in Alblasserdam. We dronken iets tijdens de receptie en de cateraar kwam regelmatig langs met snacks. We hadden zin in de avond en hadden ons voor twee workshops ingeschreven. De eerste lezing voor het diner bood inzichten in eigentijdse manieren om werknemers te binden. Om sollicitanten voor je bedrijf te laten kiezen. Heel belangrijk nu want er zijn meer vacatures dan werknemers op dit moment. Vroeger, na mijn afgeronde studie, speelde loon nog een grote rol om voor een bedrijf te kiezen. Jonge mensen van nu vinden werkelijk heel andere dingen belangrijk. ‘Hoe kun je het werkplezier voor mensen verhogen?’ was de grote vraag.  Reuzeinteressant om het verschil tussen generaties te horen. Twee van onze dochters vallen in de doelgroep van jonge werknemers. Zij vinden werk-privé balans het allerbelangrijkste. Dat herinner ik me van mijn eerste banen toen ik jong was helemaal niet. Ik werkte meer dan veertig uur per week, reisde het hele land door in mijn lease-auto en logeerde om de week in een hotel ver weg van huis. Dat vond ik helemaal niet erg, dat hoorde er gewoon bij. Thuis was ons huisje in Amsterdam waar mijn lief en ik samen leefden. Alhoewel hij ook een jaar militaire dienstplicht had en alleen de weekends thuis was. Werk-privé balans speelde bij ons toen geen rol. Groeimogelijkheden zijn ook erg belangrijk voor jonge werknemers. De tijd waarin ik solliciteerde was je gewoon dolblij met een baan. Er was werkeloosheid. Mijn lief is na het jaar verplicht werken als onderofficier in de krijgsmacht redelijk lang werkeloos geweest. Stomme uitzendbaantjes. Hij werkte zelfs een half jaar zonder salaris, met behoud van zijn uitkering. Ik geloof niet dat ik destijds ooit bij sollicitaties naar ontwikkelingsmogelijkheden heb gevraagd. Ik leefde in het nu. Nu een baan. Wat ik wel erg herken van hedendaagse jonge werknemers is dat ze regelmatige waardering belangrijk vinden. Niet in de vorm van een goed salaris, bonus of verhoging maar juist in de vorm van een afdelingsuitje, een cadeau, een werkborrel, een geschreven kaartje of oprechte specifieke complimenten. De zachte kant van personeelszaken wordt dit genoemd. Ik werk weer buitenshuis sinds wij in 2015 terugkeerden uit Mexico. Geen waardering voor mijn inzet of niet gezien worden is voor mij een reden om naar iets anders uit te kijken. Een positieve werkcultuur is momenteel zo belangrijk. Ik heb bij diverse bedrijven gewerkt waar dit ver te zoeken was. Wegwezen daar. Pas bijna helemaal onderaan de eigentijdse lijst staat dat loon en goede secundaire arbeidsvoorwaarden belangrijk zijn. Zinvol werk wordt ook heel belangrijk gevonden. Maakt het bedrijf duurzame producten, draagt het z’n steentje bij aan het milieu? Ik was geïntrigeerd. Vervolgens lekker eten bij diverse buffetten met Hollandse stamppotten, Indische gerechten of gevulde pitabroodjes. Heerlijke toetjes ook. Na de tweede workshop werden we getrakteerd op een inspirerend optreden van Ben van der Burg, oud-schaatser. Regelmatig te gast bij het beruchte TV programma ‘Vandaag Inside’. Een verschrikkelijk intelligente man die erg geïnteresseerd is in tech-ontwikkeling. Hij springt van de hak op de tak wanneer hij vertelt maar verliest zelf, verbijsterend genoeg, het overzicht helemaal niet. Hij heeft absoluut humor, is een futuroloog en helemaal into innovatie en trends. Ik was in anderhalf uur weer helemaal bijgepraat over de laatste innovaties zoals bijna menselijke robots en zelfrijdende auto’s. Geïnspireerd kwamen we thuis. De avond erna moest ik werken in het hospice en at ik natuurlijk daar. De avond erop hadden mijn lief en ik weer een lezing dit keer over moderne (levens)testamenten. De avond daarna at ik alleen thuis, mijn lief ging met jubilarissen op pad.  Weer een avond later ontmoetten we mijn zus en partner in hun hotel in Breda voor een gezellig samenzijn in de bar. Borrelplank erbij. De laatste avond op rij deze week reden we naar Leersum voor een etentje bij mijn neef en zijn man. Ik was onlangs voor het eerst in hun grote, vermogende villa tijdens het afscheid van zijn vader, mijn oom. Een kant van mijn vader’s familie waar ik niet veel contact mee had. Een zeer gezellige avond met goede, geanimeerde gesprekken. We vertrokken pas na middernacht. Dit waren de afgelopen avonden tot nu toe. Over ruim twee weken vertrekken we voor een lange reis.  Ookal hebben wij geen kinderen in huis, we leven ons leven to the fullest. Op onze manier. 


De kaakchirurg stuurde me na haar controle door naar een pijnpoli. Twee jaar nadien heb ik nog dagelijks een branderig gevoel op mijn tong. Elke dag pijn. ‘Hier in het Erasmus hebben we een goed team dat je kan helpen bij pijnbestrijding’ zei ze. Een paar weken en wat vragenlijsten verder zit ik aan de tafel met een arts-assistent op de afdeling pijngeneeskunde. Een heel team van een fysiotherapeut, een neuroloog, een anesthesioloog en een psycholoog werkt achter de schermen met hem. Pijn is eigenlijk niets anders dan een waarschuwingssignaal van het lichaam dat er ergens iets mis is. Foute boel dus. Dat signaal naar de hersenen wordt vertaald naar pijn. Ik voel al heel lang brandende pijn op mijn tong. Eigenlijk kan dat niet, want de zenuwen zijn doorgesneden tijdens de operatie. Verkeerde signalen worden doorgeseind. Een soort fantoompijn eigenlijk. Die chronische pijn heeft natuurlijk geen waarschuwingsfunctie meer, maar veroorzaakt vooral stress en verdriet bij mij.  Ik word er zo moe van. Ik ben dezelfde dag van mijn bezoek aan de pijnpoli begonnen met medicijnen die ik langzaam zal opbouwen. De eerste week mag ik niet autorijden. Meteen de eerste dag was mijn mond pijnloos. Zo gelukkig was ik, en ook mijn gezin! De eerste twee weken is uitproberen. Ik heb al een controle belafspraak met het ziekenhuis.  Ik kan me gewoon niet voorstellen hoe fijn ik me zou voelen als ik nooit meer pijn in mijn mond zou hebben. Stel je eens voor!

dinsdag 5 november 2024

Ultimate feelings of adventure and freedom! Youngest above Great Barrier Reef!
FREEDOM
‘A nomad I will remain for life, in love with distant and uncharted places.’
- Isabelle Eberhardt

De nieuwe generatie ouderen is levendiger en hipper dan ooit tevoren. Ze gaat mee met de tijd en is in voor verandering en nieuwe ontwikkelingen. Buiten het genoemde woord ‘ouderen' herken ik me helemaal in deze groep die ‘youngsters’ wordt genoemd. De komende jaren groeit het aantal mensen ouder dan vijftig jaar in Nederland naar een recordhoogte van zeven miljoen! Het grootste deel daarvan staat overwegend positief in het leven. Daar herken ik me in. Positiviteit. Ik voel me erg aangesproken door de karakteristieken van de youngsters alhoewel ik me liever niet in een hokje laat plaatsen. Leeftijd speelt geen belangrijke rol bij ze, iemand van vijfenvijftig maar ook iemand van tachtig kan zich een youngster voelen. Het draait namelijk om persoonlijkheid. Dat herken ik onder de ouderen waar ik mee omga. Ik herken twee groepen. Sommigen gedragen zich echt oud. Anderen juist jong van geest, de zogenaamde hipsters onder de ouderen. Hun mentaliteit maakt het verschil. Ikzelf geniet heel bewust van het leven. Nog veel bewuster dan voor mijn ziekte. Ik accepteer het ouder worden net als youngsters. Mijn acceptatie of zelfs mijn toejuichen van ouder worden heeft twee aanleidingen. Als eerste natuurlijk de diagnose die ik twee jaar geleden kreeg. Je leven stopt even op dat moment. De wereld staat een seconde stil. Het is ineens helemaal niet meer vanzelfsprekend dat ik oud mag worden. Dat heeft mij gevormd. Mijn moeder heeft maar achtenvijftig jaar oud mogen worden. Ik besef steeds meer hoe verschrikkelijk jong dat eigenlijk is. De oma van mijn vaders kant, naar wie ik vernoemd ben, heeft zelfs maar vijfenvijftig mogen worden. Zo oud ben ik nu!  Ik zie ouder worden dus absoluut niet als iets negatiefs. Ik hoop een heel oud besje te mogen worden. Youngsters zijn in balans en zoeken naar uitdagingen en nieuwe invulling van hun leven. Zó herkenbaar. Woorden als eigenzinnig, stijlvol, invloedrijk en intelligent passen hen goed. Ik zie het leven als een groot feest waar ik ultiem van kan genieten. Ik onderneem veel en maak bewuste keuzes. Ik weet inmiddels wat ik wil en waar ik voor sta. Ja, youngsters zijn zelfverzekerd. ‘Nederland vergrijst’ is zo’n oubollige zin. Het doet me denken aan een starre, conservatieve seniorengroep. Een stoffig imago. Ik denk dat ik tot een groep behoor met een positieve mentaliteit. Vrijheid. Vriendschap. Vertrouwen. Gezondheid. Zelfstandigheid. Maar herinneringen horen er zeker ook bij. Ik ben dol op mijn eigen (familie)herinneringen. Ook herinneringen van de ouderen waar ik tijdens mijn werk mee in contact kom. De mooie en minder mooie herinneringen van de deelnemers waar ik mee naar het theater ga, en de warme, emotionele herinneringen van de bewoners in het hospice. De oorlogsherinneringen van tachtigplussers. Oude foto’s. Ik ben ook zo dol op de dikke fotoboeken in onze boekenkast. De oude vergeelde familiefoto’s van generaties voor mij. Foto’s van de fantastische wereldreizen die we met ons gezin maakten. En nog gaan maken. Volgende maand gaan we samen naar Cambodja en Vietnam. Mijn lief wil nog een keer in het buitenland werken voor zijn bedrijf. Avontuur. Vrijheid. Het allerbelangrijkste dat we willen is natuurlijk dat we gezond blijven. 

Eén van mijn beste vriendinnen is afgelopen weekend trouwjurken gaan passen met haar jongste dochter. Dat roept bij mij meteen herinneringen op aan het uitzoeken van mijn eigen trouwjurk. Een speciaal moment natuurlijk. Dertig jaar geleden nu. Mijn lief en ik woonden in Amsterdam, en logischerwijs winkelde ik voor een jurk in de hoofdstad. Ik herinner me dat ik mijn grote lease-auto vakkundig strak op één van de grachten parkeerde en dat we urenlang in de boetiek vertroeteld werden. Ik kreeg veel aandacht van de lieve verkoopsters, mijn moeder en zus.  Ik had zelf al vooraf luxe trouwtijdschriften doorgebladerd. Op het moment dat ik uiteindelijk de juiste jurk aan had, het pashokje uitkwam voor mijn genodigden in luie stoelen tegenover mij, huilde ik al van geluk omdat ik de juiste gevonden had. Ik bekostigde de trouwjurk van de erfenis die ik van mijn grootouders gekregen had. Zo waren ze er toch een beetje bij. Ik weet nog dat ik bijpassende lingerie bij een boetiekje, in een geweldig eeuwenoud klein pandje bijna aan de Dam gelegen, kocht. Ik heb het nu nog, zorgvuldig bewaard in een mooie doos met vloeipapier. Naast de bruidsluier die mijn moeder ook gedragen had. Het lingerieboetiekje is er al lang niet meer. De jurk trouwens ook niet, verkocht en van de opbrengst een gouden ring met diamant gekocht. Een prachtig sieraad. De diamant hebben we later namelijk laten groeien na de geboortes van onze dochters. Na mijn mijmeringen gaan mijn gedachten uit naar eventuele trouwpartijen van onze drie dochters. Onze oudste dochter zegt altijd dat ze niet gaat trouwen en geen kinderen wil. Haar leven nu in Singapore nodigt helemaal niet uit tot settelen met een partner en gezinsuitbreiding. Ze reist veel, werkt aan haar carrière. Ze heeft onlangs een promotie gekregen en heeft plannen om nog in andere landen te wonen en te werken. Onze middelste dochter heeft nu net alle diploma’s op zak en werkt aan haar carrière. Haar aandacht gaat volledig uit naar solliciteren, naast concerten bijwonen. Ze is tevreden in haar leuke appartementje in Rotterdam. Ook met haar huidige werk op loopafstand vlakbij de Erasmusbrug. Ze heeft leuke vriendinnen om zich heen. Een twintiger met een leven vol vrijheid. De jongste wordt volgend jaar twintig. Ze heeft al een paar jaren flinke verkering met een leuke knul. Ze studeren beiden. Zij op dit moment in Australië en ze is al aan het mijmeren over een master in het buitenland. Aankomende zomer al. Zeer zelfstandige meiden die nu van hun vrijheid genieten door veel te reizen. Wanneer ik dit schrijf vertrekt jongste volgende week met een Engelse vriendin van daar om langs de kust van Australië te reizen en vervolgens de Fiji eilanden aan te doen. Middelste is nú met een vriendin op weg naar Berlijn en heeft alweer een wintertripje naar Dublin geboekt met twee internationale schoolvriendinnen. Oudste is ondanks de orkaanstormen met een Italiaanse vriendin, uit haar studententijd, een paar dagen geleden naar de Filipijnen gevlogen en geniet nu van een iets aangepaste strandvakantie daar. Ik zeg het wel vaker, wij zijn een nomadengezin. Nieuwe ontmoetingen. Andere wegen inslaan. We ontmoeten elkaar over een paar weken in Ho Chi Minh! 

dinsdag 29 oktober 2024

Proud of our daughter!
ONZE STRATEEG
‘Je bent zo gelukkig als je minst gelukkige kind.’
- Anne Tyler


Het leek wel of ik in het paradijs aan het hardlopen was deze woensdagochtend. De tere, hoge sprietjes van onkruidplanten langs de weilanden waren besprenkeld met glanzende kristallen. De herfstzon scheen er dwars doorheen. Duizenden glitters. Een zachte witte deken lag over de weilanden. Ochtenddauw in de herfst. Kleine waterdruppeltjes zwevend in de lucht. De koeien stonden in de wei te grazen terwijl een vroeg ochtendzonnetje hun ruggen verwarmde.  Er hing een knalblauwe lucht boven ons met een verdwaald spierwit wolkje. Het blad van de loofbomen in het stuk bos waar ik langs rende waren geel, oranje en bruin gekleurd. Sommige stukken van het zandpad waar ik liep waren bezaaid met eikeltjes. Een werkelijk prachtige herfstochtend. Toen ik weer aankwam in onze tuin ben ik na het oprekken van mijn spieren eerst de voortuin gaan aanvegen. De verkleurde, eeuwenoude beukenboom voor onze deur begint al zijn blad te verliezen. Onze oprit ligt vol met gekleurd herfstblad. Altijd oppassen wanneer het gaat regenen dan kan het spekglad worden. Trouwens ook zijn beukennootjes begint hij los te laten. Onder de ruitenwissers van mijn autootje vind ik losse beukennootjes gemengd met hun stekelige schillen. Ik houd van de herfst. Ik houd van hardlopen met zulk prachtig weer. Eenmaal alles opgeveegd ga ik naar binnen en zie ik dat ik een berichtje heb ontvangen op mijn mobiele telefoon. Ik kan het eerst niet plaatsen omdat ik uit de groep met deze afzender gestapt was. Verwarrend, geen naam van de afzender alleen een nummer. ‘Verdrietig nieuws.., eigen vertrouwde omgeving…’ scan ik snel. Mijn hartslag versnelt. Mijn hardloopmaatje Harry waar ik in juni de LoveLife run mee heb gelopen, is overleden. Tijdens het hardlopen kreeg ik het droevige bericht van mijn hardloopmaatje dat hij ons verlaten heeft… Hij had maagkanker gehad en leefde met een ballon in zijn buik in plaats van zijn maag. En dat ging helemaal prima. Hij was schoon. Wij trainden samen met zijn kleindochter Lieke en mijn dochter (beiden zelfde leeftijd) met z’n viertjes elke zondag met de groep, en onze trainer John. Wanneer een training opgeschort werd dan trainden wij tóch gezellig met z’n viertjes in het Mastbos. Aardige kerel. Ik pink wat tranen weg. Het is zo’n flinke confrontatie om iemand, die dezelfde rotziekte heeft gehad als ik, te moeten verliezen. Net als bij Kees, mijn maatje op het bestralingsapparaat, ging het bij Harry ook onverwacht razendsnel. Uitzaaiingen. Ik bel met jongste dochter in Australië, we delen ons verdriet met dikke, betraande ogen op onze schermpjes. Ze stuurt wat foto’s waar we samen met Harry op staan. Ook zij is er enorm van geschrokken. Aardige, altijd vrolijke Harry, zo levendig voor de zomer en nu, na de zomer, heeft hij ons plots verlaten. Een paar dagen later toon ik mijn respect op zijn drukbezochte uitvaart. Ik hoor daar dat hij zelf voor zijn einde heeft gekozen. Dappere man.


Een militair strateeg werden ze keer op keer genoemd. Haar scriptie over de rol van vrouwen in de IS werd geroemd. Onze middelste dochter - die twee jaar geleden haar eerste master in Legal Psychology behaalde aan de universiteit van Maastricht - kreeg vanmiddag haar begeerde master aan de Nederlandse Defensie Academie. Twee jaar terug behaalde zij haar eerste. Tijdens het schrijven van haar scriptie en het wonen in een studentenkamertje, in het voor haar vreemde Maastricht, speelde het virus nog een grote rol. Een groot deel schreef ze dan ook thuis in Breda. Na het inleveren van haar scriptie deed ze haar studentenkamer over aan haar zusje. Zij kwam thuis wonen en startte haar studie op de faculteit Militaire Wetenschappen. Ik werd ziek. Er volgde een operatie. Tot onze grote verrassing kon ik toen onverwacht tóch bij haar feestelijke diploma uitreiking zijn. Tijdens die ceremonie werd ik nog wel gebeld door de oncoloog-internist over waar de bestralingen kort daarna plaats zouden gaan vinden, Delft of Rotterdam. Zo was zij thuis na mijn operatie, tijdens de chemokuren en kon zij me bijna dagelijks naar de bestralingen in Rotterdam rijden. Op deze zonnige herfstmiddag op het Bredase kasteel werden de geslaagden (de helft burger en de andere helft militair) één voor één op het podium geroepen door een oud-generaal en wat hoogleraren. Ze stapte trots - en een tikkeltje zenuwachtig - de trap op, keek nog even onze kant op, nam haar diploma in handen en poseerde voor de fotograaf. Mijn lief en ik zaten, zonder haar zussen natuurlijk, in de zaal. We probeerden tot rust te komen. We waren op de fiets in onze nette kleding naar het kasteel gekomen, maar konden onze fietsen niet meer kwijt in de volle fietsenstalling. We fietsten verder het centrum in om de fietsen ergens te stallen waar het nog mag tegenwoordig. We liepen snel naar de ophaalbrug aan het Kasteelplein om ons met paspoort  te melden. Een militair die net naar huis ging wees ons erop dat de hoofdingang aan het Spanjaardsgat was. Nooit geweten. We liepen snel die kant op waarna we tegen een groot obstakel opliepen. Om namelijk het terrein van de KMA op te komen moet men, nu Nederland in een hogere staat van paraatheid is, opgehaald worden door iemand van Defensie. Onze dochter was al lang binnen, de ceremonie aan het oefenen. Wie moest ons dan ophalen? De tijd begon te dringen. Ik vroeg aan de andere militair in het portiershuisje of hij ons niet kon brengen. Dat mocht niet. Achter ons begonnen anderen genodigden zich aan te sluiten in de rij. Niemand kon zijn familielid bereiken om opgehaald te worden. Mijn lief belde zijn broer, commandant van de KMA. Hij haalde ons persoonlijk op en nam de andere familieleden ook mee. We kwamen precies op tijd. We luisterden naar een verhaal over militaire strategie, hét onderwerp van deze uitreiking en studie. Strategie bestond pas ten tijde van Napoleon leerden wij, waarbij strategie altijd uitmondde in een treffen in oorlog. Doden was het doel. Pas ten tijde van de Koude Oorlog kreeg strategie een nieuw doel namelijk het voorkomen van oorlog vanwege de fatale nucleaire dreiging. Onze dochter is nu een afgestudeerd militair strateeg! Het klinkt als een heel verantwoordelijke rol. Zeker in deze tijd van oorlogsdreiging. Zij gaat met dit diploma echter iets heel anders doen. Ik ben zó trots op haar. Onze enige dochter met maar liefst twee masters! Zo onzeker en verlegen als ze als klein meisje kon zijn, zo voorzichtig begint ze nu te beseffen dat ze erg trots op zichzelf mag zijn. Deze mooie, jonge vrouw vindt haar weg wel.  

dinsdag 22 oktober 2024

Me relaxing under water earlier this month | Indonesia
HELPFUL & CARING
‘To be successful is to be helpful, caring, and constructive, to make everything and everyone you touch a little bit better.’ 
- Norman Vincent Peale


Deze maand was het de Internationale Dag van de Palliatieve Zorg dat sinds 2005 jaarlijks op de tweede zaterdag in oktober wordt georganiseerd. Rond deze dag wordt de aandacht gevestigd op palliatieve zorg om zo meer bekendheid te geven aan deze zorgvorm. Om die reden had ik deze week op een avond een workshop ‘waken’. Ik heb daar in mijn vorige baan cursussen over gehad maar nu het onderwerp voor mij weer actueel is dacht ik dat het goed was om die informatie op te frissen. Bovendien ontwikkelt de gezondheidszorg best snel op dit gebied qua kennis. Helaas kwam het waken niet zoveel aan bod. In het tasje dat we meekregen aan het eind van de avond zat wel een boekje over waken. De avond ging eigenlijk meer over wat er gebeurt zodra iemand is overleden. Ook dit is een interessant onderwerp voor mij omdat ik sinds vorige maand in het hospice werk als zorgvrijwilliger. Ik heb al diverse keren meegemaakt dat een bewoner overlijdt tijdens mijn dienst. Wat gebeurt er eigenlijk allemaal precies nadat het lichaam opgehaald wordt door de uitvaartverzorging? Het ophalen gebeurt trouwens uiterst respectvol. Of er nu wel of geen familie bij is. Wanneer de rouwtaxi weg rijdt loopt één uitvaartverzorger voorop tot het eind van de straat, de auto volgt stapvoets. Wij als medewerkers staan bij de voordeur om ons laatste respect te tonen. We kregen deze avond een rondleiding vanaf de plek waar de brancard met het lichaam binnenkomt in het rouwcentrum tot aan de zaal van de rouwdienst en het samenzijn daarna. Jaren geleden had ik eens een rondleiding door het crematorium tot aan de ovens aan toe gehad, en reed ik met een gevulde rouwauto over de begraafplaats naast de chauffeur. Dat was destijds voor een opdracht van mijn fotovakopleiding. Ik ben niet bang voor dode mensen. Of voor mensen die bijna kunnen overlijden. Sterker nog, ik geniet van de bijzondere gesprekken die kunnen ontstaan, heel betekenisvol. Zodoende had ik gesolliciteerd bij het hospice toen ik daartoe gevraagd werd tijdens een leuk gesprek met een yogamaatje van mij. Ton had zich na een carrière in de ICT om laten scholen tot verpleegkundige en is werkzaam in het hospice. Hij vond mij goed in het team passen, en ik had er wel oren naar. Eén dagdeel per week warme en liefdevolle zorg aanbieden aan mensen in hun laatste levensfase, én aan hun naasten. Ook zorg dragen voor een warme en huiselijke sfeer in de grote villa door eigenlijk een huishouden te draaien zoals thuis. Wasje draaien, was vouwen, thee en koffie zetten, bed verschonen, helpen met aankleden en eten verzorgen. Er zijn geen vaste tijden voor opstaan, wassen of eten. Dat is zoveel mogelijk afhankelijk van de wens van de bewoner. Net zoals thuis. Er zijn geen vaste bezoekuren. Familie en vrienden kunnen dus de hele dag in en uit lopen, en kunnen ook zelf in de keuken koffie en thee zetten. Net zoals thuis. Wij geven ze de regie. Ik vind het werken als zorgvrijwilliger persoonlijk niet eenvoudig. Ik ben heel moe wanneer ik thuis kom na vier uur werken. Wel geeft het veel voldoening. Daarnaast vind ik het heel fijn om weer in een team te werken. Samen koffiepauze of eten tijdens een avonddienst. Het teamgevoel, dat heb ik lang gemist. Ik zocht vrijheid, openheid, rust en zingeving in een nieuwe werkomgeving en dat heb ik in het hospice gevonden.


Een hospice was oorspronkelijk een instelling die is opgericht om de armen op te vangen. De instelling hielp de behoeftigen, de armen en de zieken. In Nederland wordt de naam gebruikt voor een instelling met een huiselijke sfeer die zich in terminale zorg heeft gespecialiseerd. Ons huis heeft zes kamers die de bewoners nadrukkelijk een eigen accent mogen geven. De standaard-inrichting bestaat uit een bed, een kast, een tafel en een stoel. Bewoners kunnen hier dan bijvoorbeeld een klok, een schilderij, een wandkleed, fotolijstjes of snuisterijen gezellig van thuis, aan toevoegen. In ons huis hebben de bewoners hun eigen huisarts. De dagelijkse zorg wordt verleend door wijkverpleegkundigen van de thuiszorg en vrijwilligers die steeds aanwezig zijn. Zowel op de eigen kamer als in de gemeenschappelijke woonkamer, de grote leefkeuken, het terras boven en in de zeer grote tuin kunnen de bewoners hun gasten ontvangen. Om in een hospice te mogen verblijven is een levensverwachting van minder dan drie maanden nodig. Laatst hadden we een zieke mevrouw binnen gekregen die zó opknapte door onze zorg dat ze na een paar weken en wat fysiotherapie weer naar huis mocht! Ons doel is de kwaliteit van leven zo goed mogelijk te houden, of te krijgen, in de allerlaatste periode van hun leven. Wij zijn te gast bij de bewoners. Zij geven aan wat hun wensen zijn en wij proberen dat zo goed mogelijk te regelen. Afgelopen weekend hebben we een dame met bed en al boven op het balkon geplaatst. Zo kon ze genieten van de herfstkleuren en de herfstgeur. ’Ik heb ineens zo’n trek in tomatensoep, in pannenkoeken of een kroket op brood’ is een wens waaraan we makkelijk kunnen voldoen. Alles is in huis. Er zijn twee soepvrijwilligers die ieder één keer per week een pan verse soep brengen. Daar vriezen we een deel van in, zo hebben we altijd verse soep in huis in diverse smaken. We hebben een tuinmanvrijwilliger die ook zorgt dat de eekhoorns en vogels in de tuin voer krijgen zodat de bewoners vanuit bed van zulke dierenvriendjes kunnen genieten. De partner of familie mogen gebruik maken van een aparte logeerkamer, maar vaak zetten we gezellig een extra bed in de kamer. Laatst deden we dat nog voor een echtpaar dat hun trouwdag wilde vieren. De sfeer in ons hospice is, in tegenstelling tot de verwachtingen van velen, allerminst zwaar. Laatst kookte een Indische familie voor hun vader/opa rijst en saté, aten ze gezellig in onze keuken. Het idee dat het er in het hospice alleen maar triest en zielig aan toegaat of dat alles in het teken van de dood staat klopt écht niet. Ons hospice is een huis vol leven, waar gekookt en gewassen moet worden, waar ook gelachen kan worden en waar het zelfs gezellig kan zijn.

dinsdag 15 oktober 2024

Our beautiful young kitten Tossie | 2009
TOSSIE
‘Cats and humans have been partners for over ten thousand years. And what you realize when you've lived with a cat for a long time is that we may think we own them, but that's not the way it is. They simply allow us the pleasure of their company.’
- Genki Kawamuri


Op de fiets rijd ik door de stad met mijn linkerhand op de poezentas die voorop in mijn fietskrat staat. Die hand voor extra stevigheid. Ookal is de poes al vijftien jaar oud, ze is niet eerder op de fiets mee geweest. In de auto moest ze altijd erg ongelukkig miauwen dus nu, op haar oude dag, neem ik haar eens mee op de fiets. Eerst miauwt ze een paar keer en daarna ligt ze in de tas en kijkt door het raampje van gaas. Ik denk onderweg aan hoe ze in ons gezin kwam. We hadden in Spanje gewoond en hadden als afsluiting van die mooie periode een rondreis van zes weken door het zuiden van Afrika gemaakt met een Landrover Defender en twee tenten op het dak. Tijdens onze reis hadden we onze British Blue kater laten logeren bij zijn fokster. Zij had destijds ook een nest van Silvertabby’s. Hij kon het geweldig vinden met één van de meisjes uit het nest. Jut en Jul samen. Het poesje was eigenlijk al verkocht, maar…zei de fokster, als wij haar mee naar huis wilden nemen voor Woester dan had dat haar voorkeur. We noemden haar Etosha. Naar Etosha Pan, een spierwitte zoutpan in Namibië die we die zomer bezocht hadden. Zij heeft namelijk een spierwitte buik. Haar roepnaam werd Tossie. De reden dat we samen op weg zijn naar de dierendokter is haar wanhopig gemiauw in de nacht. We worden er wakker van en moeten ook iets doen. Meestal ga ik uit bed. Praat in het donker tegen haar, til haar op en krioel een beetje. Vaak neem ik haar mee naar zolder waar ze luid spinnend gelukkig zit te zijn. Andere keer doen we vanuit ons bed het licht boven de zoldertrap aan. Dan trippelt ze meestal naar boven. Soms niet. Ze houdt ons dus uit onze slaap. Op internet vinden we terug dat dit nachtelijk gehuil vooral voorkomt bij een grote verandering. Doof worden, blind worden of vergeetachtig worden. Doof worden is geen optie, ze hoort prima. De dierenarts dacht tijdens het consult aan haar schildklier vanwege ouderdom. Ze is echter in gewicht toegenomen in plaats van afgevallen. De optie viel ook weer af. Ze dacht ook aan haar nieren. Ze eet echter al twee jaar lang dure dieetvoeding speciaal voor nieren omdat onze kater nierproblemen heeft. Ze drinkt en eet voldoende. Dan doet de dierenarts een lichamelijke check-up. Het gebit van onze poes ziet er erg gezond uit. ‘Ze lijkt wel vijf jaar jonger!’, roept de dierenarts blij. Haar darmen zijn oké. De arts draait met de achterpoten in vreemde rondjes om te zien of haar heupjes niet pijnlijk zijn, nee dus. Dan doet ze iets wat tot de diagnose zal leiden. Ze voelt élke ruggenwervel na en bij de ondersten gaan de vachtharen van de kat omhoog staan. Dat wijst op pijn. Onze oude dame heeft last van haar onderste ruggenwervels. Lage rugpijn zoals een oud besje. Katten verstoppen hun pijn altijd zo lang mogelijk. Ze krijgt een pijnstiller voor vierentwintig uur en daarna zal ik een week lang elke dag medicijn in haar natvoer geven dat ze om klokslag zes uur krijgt. Ze is een dier met emoties, wat veel mensen zullen ontkennen. Toen onze grijze kater Woester elf weken lang verdwenen was in Mexico, en ik elke dag zijn naam riep rondom ons huis, liep Tossie dagelijks mee om te zoeken. Onverwachts meldde hij zich aan de voordeur. Zwaar versleten kussentjes onder zijn poten, de helft van zijn vijf kilo gewicht verloren. We waren dolgelukkig. Behalve Tossie. Zij was de eerste dagen echt boos op hem. Hij kreeg een snauw van haar als hij toenadering zocht. Of een klap met haar poot. Zij nam hem kwalijk dat hij zo lang weg geweest was. Kort daarna waren ze gelukkig weer dikke mik. Samen slapen, elkaar liefdevol wassen. Emotie toonde ze ook toen Woester een keer de brandladder opgeklommen was vanuit de patio. Helemaal boven durfde hij niet meer voor- of achteruit. Tossie kwam ons waarschuwen door keihard te miauwen. We móesten wel meegaan om te kijken. Zij wees ons op haar grote vriend in nood. Met een rieten mand heb ik hem van de ladder gered. Onvergetelijk. Toen hij op z’n zestiende moest inslapen omdat hij een kaaktumor had die niet meer te opereren was, namen we hem mee naar huis. De tas lieten we openstaan zodat ze er zelf achter kon komen dat Woester overleden was. Ze sprong een halve meter in de lucht. Ze was die periode écht alleen en verdrietig, ze miste hem. Wij kochten een paar maanden later twee baby British Lilac, zelfde rustige ras als Woester. Ze moest echter niks van die monstertjes hebben. Ik werd er bijna overspannen van. Inmiddels is het vijf jaar geleden dat Sierra en Salvador (roepnaam Sallie) bij ons kwamen wonen. Ze kan ze inmiddels prima dulden in huis, meer niet. Sinds onze senioren dame dagelijks pijnstillers krijgt gaat ze in de ochtend weer de voordeur uit. Op pad. Ze miauwt nauwelijks meer in de nacht. Ze zit gelukkig weer goed in haar vel, letterlijk, ze wast haar vacht weer goed. Onze intelligente gestreepte poes met haar karaktertje. We kunnen haar niet missen. 


Ik arriveerde met een streekbus uit Breda en hoefde alleen maar rechtdoor te lopen tot een leuk Utrechts pleintje waar ik met twee vriendinnen had afgesproken. Op verwarmde kussentjes en onder een terrasverwarmer kletsten we op deze koude herfstdag bij, aten we eind van de middag iets kleins. Om daarna naar een voormalige kerk te wandelen waar we een flamencoshow bijwoonden. Eigenlijk for old times sake omdat wij drietjes, toen we destijds in Madrid woonden, ook wekelijks flamenco danslessen hadden. Samen met veel andere moeders van de Nederlandse school trouwens. Ik had het destijds zelf georganiseerd, in eerste instantie voor de kinderen als naschoolse activiteit. De Argentijnse juf regelde flamencorokken voor de meiden, én voor ons. Ze leerde ons best ingewikkelde pasjes. We schopten met onze voeten en we leerden krachtig en subtiel op de maat te klappen. Flamencodansen zoals we dat zondag tijdens de show zagen was sierlijk en tegelijk stoer, zeer mannelijk én zeer vrouwelijk. De dansers probeerden hun diepste emoties uit te drukken door middel van lichaamsbewegingen en gezichtsuitdrukkingen. Heel opzwepend. Het bracht mijn gedachten zeker terug naar onze mooie, zorgeloze tijd in Madrid.

dinsdag 8 oktober 2024

Aerial Yogaclass in Singapore!
HAAR WERELD
‘Pull up a chair. Take a taste. Come join us. Life is so endlessly delicious.’
- Ruth Reichl 


Met nog twee doordeweekse dagen te gaan met onze lieve verre-afstandsdochter in Singapore kies ik ervoor deze middag te zwemmen in een groot hotel. Zij werkt. De allerlaatste dag, morgen dus, zullen we samen in dochter’s lunchpauze een Aerial Yogaclass volgen. Ik had in Nederland een gratis proefmaand aangevraagd van de zogenaamde ClassPass. Het is een wereldwijd lidmaatschap. Tientallen yogascholen in Singapore zijn aangesloten. Oók dochters paaldansschool en daar geven ze Aerial Yoga Stretch lessen in een hangmat. Ik zou op mijn gratis proefabonnement meedoen. Terwijl ik een beetje aan het scrollen ben omdat ik nog veel creditpoints over heb zie ik dat ik voor vijf creditpoints twee uur mag zwemmen in het ‘PARKROYAL hotel on Beach Road’. Dat ga ik na de lunch doen. Tijdens onze laatste lunch kletsen we over onze logeerpartij. Dat het zo gezellig en ontspannen is, dat we elkaar helemaal niet op de lip zitten in haar appartementje, niet eens in haar tweepersoonsbed. Geen gesnurk, geknarsetand of gewoel dat we ‘s nachts merken. We gaan min of meer gelijk slapen, soms leest er één nog iets langer door. Eén avond hadden we zelfs een lachbui in bed. Wanneer zij voor werk vertrekt in de ochtend, stap ik heel rustig uit bed. Ik snijd een dragonfruit doormidden en doe het zoete vruchtvlees in mijn yoghurt. Ik zet kamillethee en eet er wat verse lychees bij die ik zelf pel. Alles op m’n dooie gemakkie. Ik ruim haar appartementje op voordat ik vertrek om haar op te halen tussen de middag. Ook in de avond eten we buiten de deur. Zoveel restaurantjes die ze gezellig met me wil bezoeken. Taiwanees, Vietnamees, Thai, Indonesisch, Japans, Chinees en Turks in de Arabische wijk. We tikken ze allemaal aan. Het eten vind ik overal lekker en daar verras ik haar én mezelf mee. Ik houd niet per se zo van rijstgerechten. Het valt me vooral ook zo mee dat het bijna nooit té pikant is voor mij. Pikant eten was nooit mijn favoriet, maar na mijn tongoperatie en bestralingen kan ik niks pittigs meer verdragen. Pikante sausjes worden gelukkig separaat geserveerd. Wanneer ik smikkel geniet zij. We komen in de avond meestal laat thuis, douchen en gaan lekker in ons bed lezen. Na de lunch zet dochterlief mij vandaag op de bus zoals we dat de laatste week vaker deden. Soms ga ik wandelend door de warme stad. Ik stap pal voor het hotel uit en loop naar de vierde verdieping. Een wellness, een gym en een groot buitenzwembad. Uitzicht over de baai en het bekende Marina Bay Sands hotel. Ligbedjes naast het zwembad. Ik check in met mijn ClassPass en krijg twee grote badlakens mee. Het miezert zachtjes dus ik leg mijn spulletjes onder een grote parasol. Ik ga baantjes trekken. Ik lees mijn nieuwe boek, val in slaap en zwem tenslotte nog wat baantjes voordat ik me in het hotel ga douchen en wassen met luxe zeep aan de wand. Na de handdoeken ingeleverd te hebben pak ik fris en fruitig de bus weer terug. Oudste kind en ik dineren onze allerlaatste avond vervolgens in een hotpot restaurant dat ze me heel graag wil laten zien en proeven. Ze eet er vaker. Een smaakbeleving met bouillon, flinterdun gesneden rundvlees en groenten zoals mais, kool, winterpeen en courgette. We praten over hoe we uitkijken om ons hele gezin weer samen te zien in december, over zeventig nachtjes. Op de terugweg zien we vanuit de bus in haar woonwijk, Little India, een felgekleurde, drukbezochte avondmarkt. We stappen spontaan uit. Een explosie aan kleuren! Veel verse, geurende maar ook plastic bloemenslingers die in de hoogte hangen. Evenals tafels vol felgekleurde Shiva- en Buddhabeelden. Wat een drukte op de markt en zoveel indrukken! Zo blij en dankbaar dat ik dit beleef met dochter in háár wijk, bij haar om de hoek. Het blijken voorbereidingen voor het vrolijke Hindoestaanse lichtjesfeest Divali. Dat feest duurt vijf dagen, en start 1 november. Tijdens dit feest worden door het huis en op de erven lichtjes aangestoken. Symbolisch wordt ‘de overwinning van het goede over het kwade, overwinning van het licht over de duisternis’ gevierd. Ik neem wat souvenirs mee. 


Ik loop de straat helemaal uit tot aan een T-splitsing en ben nog steeds geen ‘7-Eleven’ supermarktje tegengekomen... Dat betekent dat ik verkeerd gelopen ben. Dochter had het nog zo duidelijk stap voor stap uitgelegd. Ik had het ook nog zo zorgvuldig in mijn notities genoteerd, dacht ik. Ik ben op de juiste metrostop uitgestapt, juiste exit ook nog naar buiten, langs het groene parkje gelopen, ik heb ook de tempel rechts laten liggen maar zie dus geen ‘7-Eleven’. De tijd dringt, we hebben een yogales geboekt. Ik bel haar op, zij is onderweg van kantoor en we ontmoeten elkaar bij een ander metrostation. We lopen door het schattige wijkje met ouderwetse laagbouw naar de studio. We zijn op tijd, kleden ons om en leggen onze lila yogamatjes ieder bij een blauwe hangmat. De Argentijnse juf noemt onze namen op en we kunnen beginnen. We starten op de mat, voor mij bekend terrein. Ademhaling, naar binnen keren en wat nekoefeningen. Heel rustig. Ik geniet dat ik naast onze dochter zit. Vervolgens gaan we de hangmat gebruiken, als hulpmiddel. Been erop leggen om te stretchen, heupen erop leggen voor een downfacing dog. Ik kan dit prima aan, ookal doe ik het niet zo gracieus als dochterlief. Vervolgens worden de oefeningen wat van een hoger niveau en past de juf de hoogte van mijn hangmat aan. Soms is hij te laag, hang ik als lange vrouw bijna op de vloer, soms is hij juist te hoog en krijg ik mijn voet er niet in. De juf is er maar druk mee. Bij de laatste oefening staan we allemaal rechtop in de hangmat, ook ik, en zouden we op de één of andere manier relaxt liggend in een cocon uit moeten komen. Je hoofd achterover hangend om je borstkas en hart goed te openen. De juf helpt mij, maar zelfs dat mag niet baten, ik kom in een zittende positie in de cocon terecht en kan in geen mogelijkheid achterover leunen. Best grappig eigenlijk... Ik dobber wat rond. Dochter is er allemaal heel erg goed in, lenig lijf en stevige buikspieren helpen haar hierbij. Zij doet wekelijks aan paaldansen in deze studio. Een getraind jong lijf. Ze stuurt regelmatig jaloersmakende filmpjes. Ik geniet van het hier zijn, nu naast haar. Haar wereld. Hoe mooi ze dit kan, en dat ik erbij mag zijn. Helemaal in Singapore. 


Singapore | 2 oktober 2024