vrijdag 1 mei 2026

Japanese welcome party | Kangeikai
VIS, VIS EN VIS
When I am eating eel donburi from a rust-red lacquered bowl and they bring me a cup of eel broth to go with it. Deeply smoky, slightly oily, dark as night.’
- Nigel Slater


Het zit al zeker zo’n twintig minuten in m’n rechterwang verstopt. Ik moet dit kwijt, want ik kan ook niet goed praten zo… Ik kan aan niks anders meer denken dan die rauwe slak uit mijn mond te halen. Schelpdieren, stukjes zeeslang, rauwe inktvis, rauwe zee-egel en rauwe slakken zonder huisje, ookal ligt het prachtig op een bedje groen met knaloranje viseitjes als garnering, ik gruwel ervan. We zitten met drie Japanse collega’s van mijn lief te dineren aan een lage tafel en best dicht op elkaar. Ik stel dan toch maar voor dat ik naar het toilet ga. Ik wurm me uit de setting, één collega moet helemaal opstaan voor me en weg lopen van de tafel zodat ik er op m’n sokken langs kan. In het damestoilet staan twee kleine klompjes klaar die je behoort aan te trekken op het toilet. Eindelijk die slak uit mijn wang gepurd. Daarna mijn mond gespoeld en ik was zó opgelucht dat ik gedachteloos naar de eettafel wilde lopen, toen ik na een halve minuut doorhad dat ik op die kleine klompjes het toilet uit was gelopen! Net op tijd een pijnlijke afgang voorkomen! Zoals ik ooit in Korea in de slofjes van een monnik was gegleden en daar tijdens de vele rondjes lopen om een heilige bel, achter kwam. Die warme sloffen brandden toen aan mijn voeten. Ik heb het ingefluisterd in de oor van de persoon voor mij en heb me toen terug naar de tempel gehaast om de schoentjes om te wisselen. Tijdens het etentje was alles precies zoals ik het voorbereid had. Mijn lief en ik wachtten netjes zoals het hoort tot we plaatsen toegewezen kregen. Mijn glas werd meteen nadat ik de laatste slok op had opnieuw gevuld (door de hoogste in rang aan tafel). Wanneer ik niets meer wilde drinken liet ik een laagje staan. Ik denk dat de mannen aan tafel wel vier of vijf grote glazen bier tijdens het diner wegdronken. De eetstokjes horen tussendoor steeds horizontaal voor je te liggen met de puntjes naar links. Nooit de stokjes rechtop in een bakje met rijst laten staan, dat heeft iets te maken met de dood. Mijn lief had de stokjes verkeerd voor hem liggen, dus ik seinde hem in. Ze hadden helaas een menuutje uitgekozen van alleen vis en zeevruchten dus het was écht afzien voor mij. Het eerste gerecht was een stukje rauwe zee-egel, ik at het beleefd op, een zoute zilte smaak die ik wegspoelde met mijn ginger beer. Het lekkerste deze avond waren wat rauwe plakjes van bonito, kort geschroeid in de pan. Bonito is een kleine, roofzuchtige vis die behoort tot de makreel- en tonijnfamilie. Deze vis is populair in de Japanse keuken, katsuo.Misschien vond ik de gebakken stukjes wortel van een lotusbloem het allerlekkerst. Specialiteit uit de Tsukuba regio. Er zijn hier veel meren waar de lotusbloem groeit met de wortels in de modder. Het smaakte naar aardappel rösti. Het laatste gerecht waren noodles. Ik schrok. Noodles eten met rasechte Japanners aan tafel, hoe ga ik dat doen met stokjes? Ik vroeg het ze gewoon. Zij hadden veel lol. Ik mocht dus mijn kommetje optillen, met de stokjes steeds een beetje meer van de lange noodles naar mijn mond brengen en slurpen. Het is beleefd om zó hard te slurpen dat de kok het hoort. Voor hem is dat een compliment! Ik vond dat slurpen echt heel moeilijk. Het dessert was trouwens ook heerlijk, twee in plakjes gesneden aardbeien. Ik begrijp nu wel waarom in Japan weinig overgewicht voorkomt. De hele avond chique dineren met kleine stukjes vis en wat noodles, daar word je niet snel dik van. De mannen vertelden ook dat ze voor lunch meestal alleen een bolletje witte rijst meenemen van thuis. In hun bentobox, soms met wat bouillon erbij. Ik vond het fijn om ze open vragen te mogen stellen. Over het collectief denken en nooit aan jezelf. Altijd staat de groep voorop. Nooit een persoonlijk compliment geven, altijd aan de groep. Nooit een persoonlijk compliment ontvangen, het resultaat is altijd te danken aan de groep. Zelfs een promotie voorbij laten gaan wanneer dat beter is voor de groep. Dat gaat ver. Die collega verklaarde ook dat daarom de zelfmoordpogingen zo hoog zijn in Japan. De andere collega legde uit dat zijn oma en opa een rijstplantage hadden. Dat konden ze niet alleen. Buren, vrienden en familie hielpen mee met oogsten. Als je die hulp niet zou geven lig je uit de groep. Elk resultaat is bereikt door de samenwerking van de groep. Ik kon vragen over onze zitplaatsen aan tafel dat verband houdt met de deur en de muur waar de versieringen aan hangen. Ik heb naar hun vrouwen gevraagd. Ik heb zelfs gevraagd hoe het thuis in hun gezinnen er aan toe gaat wanneer je nooit voor je mening mag uitkomen - zoals op het werk. Alleen met veel alcohol op durven ze onder collega’s pas echt te zeggen wat ze ergens van vinden. Ze waren deze avond heel eerlijk en open. Ik ook, toen ik wéér een bordje met rauwe vis en stukken inktvis voorgeschoteld kreeg. ‘Deze sla ik even over als jullie het goed vinden..’


Een half uurtje met de sneltrein en we zijn in de hoofdstad, nog twee keer overstappen in de metro en we staan op het hoofdkantoor in het zakelijk district Chiyoda in Tokio. Mijn lief met een strakgetrimde baard, een zwart pak aan, een gladgestreken wit overhemd eronder, superglanzende zwarte schoenen aan z’n voeten, een zwartlederen aktetas en z’n armbanden afgedaan. Om door een Japans ringetje te halen. Ik ben trots op hem. Hij heeft na een dag kennismakingen op de fabriek - waar op de bovenste verdieping berg Fuji te zien is op een heldere dag - óók een dag kennismakingen op het hoofdkantoor. Het gebouw mooi ontworpen door een Franse architect met een façade van glas. Mijn lief zal binnenkort een dag per week daar werken. Ik zwerf vandaag kilometers door de stad dat de komende jaren de mijne zal worden. Ik bezoek het vroegere keizerlijk paleis wat eigenlijk meer een verbouwd kasteel was uit 1457, met nog bestaande kasteelmuren. Er is nog één overgebleven uitkijktoren, waar nu de keizer woont, dat is het symbool van het keizerlijk paleis geworden. Ik verdwaal in de grote bijbehorende paleistuinen. Ik lunch in m’n uppie in de buurt en wandel weer kilometers naar de Kanda wijk, een historische wijk met een lokaal sfeertje. Ik slaag er voor bruine Adidas gympen, voor bijna de helft van de prijs als thuis. Eind van de middag wandel ik weer terug naar het zakelijk district en bel onderweg met de kinderen. Aangekomen stel ik me voor aan wat collega’s op kantoor en na samen een diner met mijn lief in de buurt reizen we weer terug naar Tsukuba. In de volle maar muisstille treinwagon ontvangen we onverwachts nog twee opties voor een appartement. We gaan zelf even kijken vier minuten lopen van het treinstation, inmiddels donker, laten we ons binnen in het wooncomplex, bepalen waar de zon opkomt en lopen er zeer tevreden een rondje eromheen. Dit kan nog wel eens ons toekomstig woonplekje worden!


Tsukuba | 30 april 2026