dinsdag 28 april 2026

Authentic Japanese restaurant | our first night
JAPANS
'Honesty' in social life is often used as a cover for rudeness. But there is quite a difference between being candid in what you're talking about, and people voicing their insulting opinions under the name of honesty. 
Judith Martin


Mijn hoofd tolde bijna. Zóveel informatie kregen mijn lief en ik in twee dagdelen aangereikt. Online kregen we twee dagen lang een intensieve, interculturele training. Allereerst over de geschiedenis van Japan waarin Nederland een heel grote rol heeft gespeeld vanaf 1609. Voor dat speelde de invloed van China natuurlijk een grote rol, bijvoorbeeld voor de taal. Wij hoorden voor het eerst dat Nederland van 1641 tot 1853 via een handelspost in Japan het enige westerse land was met handelsrechten. Ik denk aan de zeevarende VOC. Zo begon een periode van intensieve handel en groeide er een speciale band tussen Nederland en Japan. Nederland fungeerde als hun venster op de wereld. Wij introduceerden westerse wetenschap in Japan: geneeskunde en technologie, wat natuurlijk bijdroeg aan Japans modernisering. Zo kwam er urenlang een constante stroom aan informatie door het scherm. Heel interessant om naar te luisteren en ik schreef ouderwets alles samengevat in mijn schriftje. Daarnaast kregen we formele kledingtips die tot en met de schoenen gelden, uitleg over buigen in plaats van handen schudden of een omhelzing, de regels wie waar zit in een vergaderzaal, een taxi of zelfs staand in een lift, dat alles er om harmonie draait, de groep staat voorop en niet jij als individu en de ruimte kunnen lezen is van levensbelang, want Japanners zullen nooit hun mening zomaar geven. Dat doen ze pas als ze flink aangeschoten zijn. Stomdronken op straat, in de metro of tegen een muurtje aanhangen zien zij als een compliment, want dan werkt deze man kennelijk heel hard. Zóveel cultuurverschillen dat ik het nauwelijks kan bevatten. Deze trainingen waren aan het eind van een voor mij zeer sociale week ingepland. Ik had een reünietje met mijn drie vriendinnen die ik nog uit onze Madrid-periode ken, volgend jaar twintig jaar geleden! Een middag en avond in Utrecht samen doorgebracht waarbij we kletsten van het zonnige terras waar we elkaar ontmoetten, wandelend door de stad, tot aan het Spaanse restaurantje waar we dineerden. De dag daarna had ik wederom weer een sociale middag en avond met mijn meer dan dertig collega’s uit het hospice. Sociale contacten onderhouden en afspreken met anderen, soms wil ik er niet aan. Geen zin, te druk, te eng. Eerlijk gezegd voelde ik ook wel wat weerstand tegen het teamuitje. Ik was moe en wist zeker dat zoveel tijd doorbrengen met collega’s ook heel vermoeiend zou zijn. Máár, mensen om je heen zijn belangrijker voor je welzijn dan je denkt. Dus heb ik mezelf bijeengeraapt en ben erheen gefietst. Een borrel op een zonnig terras, een quiz met zes teams waar ik best tegenop zag maar uiteindelijk was het best leuk en won mijn team de eerste plaats. Aan de lange eettafels had ik dit jaar een fijne plek veroverd. Vorig jaar had ik niet zo’n gezellige tafel, ik moest er veel energie insteken, ik was toen ook nog best nieuw. Dit jaar zaten er leuke vrouwen naast me. Door kleine momenten van rust te creëren, kon ik beter omgaan met stressvolle momentjes tijdens m’n teamuitje. Ik liep even naar buiten, ik liep even naar het toilet, of legde mijn jasje even weg op de bar. Zo kon ik kalm blijven en geaard. De Dalai Lama gelooft trouwens dat je als eenling een heleboel kunt betekenen voor de sfeer met je collega’s. Door zelf vrolijk te groeten, een lach en interesse tonen kan al een heleboel betekenen voor de ander én voor jezelf. Al met al heb ik alle drukke weekdagen overleefd en heb ik zelfs zaterdagavond nog met de deelnemers van 4hetleven een enthousiaste tribute van ABBA bijgewoond.


Na een middag en nacht vliegen kwamen we rechtstreeks aan op Tokio vliegveld. Waarna we gelukkig via Google Maps onze weg konden vinden in het zeer uitgebreide metro web van deze miljoenenstad. Thuis hadden we al een beginnetje gemaakt met het downloaden van de Japanse Suicaapp waarbij je - door je mobiel tegen de paal te houden - betaalt voor het openbaar vervoer. Ideaal! Na twee keer overstappen van metro, godzijdank stond er ook veel in het Engels aangegeven, vonden we de semi rapid sneltrein vanuit Tokio naar Tsukuba, de stad waar we willen wonen. Na een half uurtje in absoluut stilte in de treinwagon, arriveerden we bij het één na laatste stationnetje. Ik zei tegen m’n lief dat de naam me zo bekend voorkwam. Er ging echter nog geen belletje rinkelen. Totdat we bij het eindstation aankwamen en de ‘app aangaf dat we te ver gereden waren… Aan de andere kant van het perron konden we weer instappen om terug te rijden. Omkijkend zagen we dat onze trein meteen weer terug ging naar Tokio dus we renden en sleepten onze drie koffers weer terug in de Tsukuba Express toen mijn lief zag dat dit de supersnelle rapid trein was die juist niet stopte bij ons stationnetje! Weer gauw eruit met onze bagage, en geduldig en lachend wachten op de juiste trein. Na onze lunch stond de makelaar al precies op tijd op ons te wachten om drie woningen te bezichtigen. De eerste lag te ver buiten het centrum, tussen veel hotels en weinig woningen. Op slofjes liepen we op de bovenste etage met uitzicht op de Tsukuba berg. We werden er ondanks dat niet warm van. De volgende was een huis, veel ruimte en zelfs een tuin en eigen parkeerplaats. Toch stonden de huizen flink op elkaar en hadden allemaal grote airco’s aan hun buitenmuur hangen. Daar werd ik dan wat onrustig van. De allerlaatste van de drie was het meest in het ‘oude’ centrum gelegen wat ik aantrekkelijk vond. Een spiksplinternieuw gebouw naast een antieke tempel gelegen. Heel blij liep ik op m’n slofjes binnen rond. Echter, aan de andere kant van het appartement was de achterkant van een bar gelegen. Dat vonden we wel spannend vanwege geluidsoverlast.  Toen bleek dat er in de huiskamer geen plek was voor een eettafel én een flinke bank hebben we deze helaas ook af moeten wijzen. We hadden zo gehoopt dat we vandaag een keuze konden maken. Ik mis hier een kus, een hand of een arm van m’n lief op straat. Verboden. In de avond stapten we een leuk authentiek, klein restaurantje binnen. Schoenen uit, op onze sokken, klommen we op een laag bankje aan een bar waar we van ‘n Japanse menukaart met Google Translate ‘app wat eten bestelden. Alles was het nét niet…bijvoorbeeld een bord vol gefrituurde piepkleine garnaaltjes die in z’n geheel met voelsprieten en oogjes opgegeten dienden te worden!


Tsukuba | 27 april 2026

dinsdag 21 april 2026

Youngest and I starting a meal together | Utrecht
UTRECHT
We must love our adult children enough to let them go. This is what tough love is. We must hope that their future, as well as ours, can be filled with positive changes and abundant love.’
- Allison Bottke


Op een houten bankje samen in een gezellig vooroorlogs buurtje in het centrum van de stad Utrecht. Stadse kinderen spelen buiten, voetballen en steppen over straat. Tegenover ons ligt een yogaschool. Het is er een komen en gaan van yogi die voornamelijk op de fiets komen. Hippe mannen en vrouwen met een yogamat op hun rug. Op deze vroege lente-avond zitten jongste dochter en ik buiten op een terrasje te wachten op onze kaasfondue. Nog een verjaardagscadeau van haar aan mij. We hebben allebei een glas met een heerlijke limonade met een takje munt en een citroentje voor ons staan. We genieten van de gezellige omgeving van moeders die hun kind ophalen van het pleintje om thuis aan tafel te gaan. Meerdere huiskatten zwerven hier over straat. Zeer weinig auto’s maar des te meer fietsers en voetgangers. Wij kletsen, de serveerster brengt ons potjes met hete kaasfondue, stokbrood en gesneden groenten. Ik denk dat karton morgen opgehaald wordt in deze buurt, ik zie meerdere bewoners met karton in hun armen voorbij lopen. In het benedenhuis voor ons, met ouderwetse vitrages, zien we een mantelverzorger vertrekken die de huissleutel buiten in ‘n bakje aan de muur met een code legt en op de fiets stapt. Het Nederlandse, typische en gewoonlijke dagelijkse leven in een eigentijdse stad. Dochter en ik genieten van de omgeving, van het eten en van onze ongestoorde gesprekken. Moeder en kind. Wij maken deel uit van de vrouwenlijn. Door onze bloedband zijn we verbonden met elkaar. Ik herken mijn jonge zelf in haar in hoe zij leeft. Het makkelijk vriendinnen maken, de zin in avontuur, de zin in het leven, onvermoeid zijn, aanstekelijk enthousiast en je angst kunnen parkeren om iets heel nieuws te proberen. Zij praat vanavond en ik luister. Deze tijd samen is belangrijk en het voelt heel natuurlijk voor mij dat ik als moeder haar, en mijn andere twee dochters, als gelijkwaardige en onafhankelijke volwassenen behandel. 


De dag hiervoor was ik in Rotterdam bij onze tweede dochter. Ze liet twee verstandskiezen trekken in het ziekenhuis en als vanzelfsprekend vergezelde ik haar. Eerst even bij haar thuis boterhammen eten en toen met de bus naar het ziekenhuis. Tijdens de procedure hield ik natuurlijk haar hand vast onder het steriele lichtblauwe kleedje en kneep zij m’n hand van angst bijna plat. Eenmaal weer bij haar thuis dronk ik nog een kopje thee terwijl zij nog bijkwam van wat er net gebeurd was. Ik luisterde. Voor de files uit reed ik weer terug naar huis. Haar veilig achterlatend in haar gezellige appartementje in de grote stad. Zij redt het wel. Haar koelkast stond vol met vloeibare en zachte etenswaren die ze de dagen erna kon eten. De avond van de kaasfondue met haar zusje bleef ik gezellig slapen in de twijfelaar. Op haar studentenkamer. De relatie tussen mij en mijn dochters voelt zeer hecht en ik hoop ook ondersteunend voor ze. Van beiden kanten herkenning in uiterlijk en in ons doen en laten. De allereerste relatie die je als meisje hebt, is die met je moeder. Wij zijn allemaal dochters. Dat schept veel herkenning en daaruit vloeit als vanzelfsprekend verbinding. Verbinding voel ik heel sterk. Oók met de dochter die al bijna drie jaar mijlenver van ons vandaan woont. Zeven uur tijdsverschil dat na de zomer, na mijn verhuizing naar Japan, nog maar een uurtje tijdsverschil zal zijn. Helaas heb ik dan met haar zusjes juist acht uur tijdsverschil… Wij kunnen dat. Veel strubbelingen in het contact tussen moeders en dochters gaan over ‘Zie en hoor je mij helemaal?’ Ik herinner me mijn eigen strubbelingen met mijn moeder precies daarover. Ik ben een dochter waarvan mijn moeder al is overleden, al twintig jaar geleden inmiddels. Een moeder geeft haar dochter het gevoel dat ze goed is zoals ze is, leert haar op een gezonde manier met emoties om te gaan en biedt grenzen wanneer dat nodig is. Ik hoop dat mijn dochters het gevoel hebben dat ze mogen zijn wie ze zijn en dat ze voelen dat ik onvoorwaardelijk van ze houd. Ik hoop dat hun papa en ik ze alle ruimte hebben gegeven, en nog steeds geven, om een eigen identiteit te ontwikkelen. Het plannen van momenten zoals in Utrecht of mee naar het Rotterdamse ziekenhuis helpen om blijvende herinneringen te creëren. We vergeten soms om de tijd te nemen om écht te verbinden met onze volwassen kinderen. Vooral nu wij gaan emigreren naar Japan worden deze herinneringen juist steeds dierbaarder. Die ochtend die volgde gingen we lekker lang ontbijten op een zonnig terras. Nog even een beetje shoppen, nóg een theetje en toen was het moment daar dat zij een bus naar de universiteit moest nemen en ik de tram naar de parkeerplaats waar mijn auto stond geparkeerd. Een beetje depri moment en dus stapte ze eerst nog twee haltes bij mij in de tram. Uitstel van dat weeïge gevoel van komende heimwee. Nog wat lieve berichtjes na ons afscheid heen en weer. Ook al kwam ze de volgende dag alweer terug naar Breda…

dinsdag 14 april 2026

Our girls ran 10 kilometers | Rotterdam
TUSSENFASE
There is no such thing as a bad run. There are just some runs that feel better than others.’
 - Hal Higdon


Voor achten vertrokken we afgelopen zondagochtend al met ons ontbijtje in de hand richting Rotterdam. Twee dochters liepen tien kilometer op de dag van de marathon. We gingen met de auto, aten ons ontbijtje onderweg. Het was maar negen graden buiten, met een straf windje. We waren half negen bij de woning van middelste dochter. Alle spullen werden verstandig uitgewisseld in tassen die wij als ouders bij ons droegen en toen vertrokken we met de metro. Eenmaal boven de grond bleek het bij Blaak een enorme drukte van hardlopers te zijn. De sportievelingen voor de lange marathon liepen de ene kant op en de hardlopers voor tien kilometer liepen weer een andere kant op. Lange rijen voor de mobiele toiletten. Voorbij de kubuswoningen was de start. Ieder kind had een ander startvak aan de hand van hun gemiddelde looptijd over de afstand. Mijn lief en ik zouden alvast vooruit lopen en dan zouden we ze voorbij zien komen rennen, daarna konden we makkelijk oversteken en zouden we ze op de terugweg nóg een keer voorbij zien rennen. Ik had zelf een bord van karton gemaakt om ze enthousiast toe te juichen. Wij zijn niet zo thuis in Rotterdam en mijn lief vroeg de weg aan een andere toeschouwer. Hij stuurde ons terug naar de startvakken, wat ik heel vreemd vond, en daar moesten we oversteken dan zouden we onze dochters zien. Na de start van jongste kwamen we er online achter dat we inderdaad in de verkeerde richting gewezen waren. We zouden ze vanaf deze plek maar één keer kunnen zien, alleen op de terugweg… Mijn lief is nog hard vooruit gelopen om tóch een glimp van ze op te pikken na de start. Ik bleef een uur wachten in de sterke wind en in de kille schaduw tegen een tijdelijk hekwerk aan. Ik stond een kilometer van de finish vandaan, mooi in de bocht om ze van verre te zien aankomen.  Ik was inmiddels verkleumd, had bevroren voeten.  Bevroren handen ook van dat stokje met bord vasthouden en mijn neus begon van de kou te druipen. Het was allemaal niet voor niks, uiteindelijk zag ik jongste aan komen rennen. Fris en fruitig en ik had haar gefilmd. Missie gelukt. Nog een half uurtje later kwam middelste dochter ook aan rennen, ook nog zo vrolijk en niet uitgeput. Ze zijn beiden vastgelegd op film. Natuurlijk moesten die beelden online meteen naar Singapore gestuurd worden. Hun oudste zus had het weekend ervoor namelijk zelf meegedaan aan de halve marathon van Singapore. In de nacht natuurlijk, vanwege de hitte, twintig kilometer gerend. Wat een sportieve dochters hebben wij! 


Ik heb een diep verlangen om de Japanse berg Tsukuba te kunnen zien. Ik vermoed dat we in Japan in een flat gaan wonen. Dat is daar niet bijzonder maar voor mij wel heel bijzonder. Ik heb nog nooit in mijn leven in een flat gewoond. Ik vind het niet eens erg. Het is tenslotte voor een beperkt aantal jaren, we keren natuurlijk weer terug naar ons fijne huis in Breda. We gaan er met z’n tweetjes wonen, mijn lief en ik. Ik stel me dus voor in een appartement en ik hoop vurig dat het een balkon heeft, want ik lees graag boeken buiten. Ik manifesteer dat het op zo’n hoge verdieping is dat we ergens vanuit onze ramen de bekende heilige berg kunnen zien. Deze berg heeft twee toppen, beiden toppen zijn bijna negenhonderd meter hoog. De berg wordt graag beklommen om van het uitzicht in de omgeving te genieten, bij helder weer is de skyline van Tokio zichtbaar. Waar de meeste bergen in Japan van vulkanische oorsprong zijn, bestaat de berg Tsukuba uit graniet. De berg die ik erg graag zou willen zien vanuit ons appartement wordt als heilig beschouwd. Er is een schrijn aanwezig, een tempel, met een zekere aantrekkingskracht op bedevaartgangers en trouwkoppeltjes. De berg Tsukuba is een populaire bestemming om zijn wandelpaden en warmwaterbronnen (onsen) aan de voet van de berg. Beroemd om zijn alkalische, mineraalrijke water dat een huidverzorgende werking zou hebben. Daar word ik blij van. De stapjes die we maken richting ons expat-avontuur zijn klein. Mijn lief heeft vorige week de overeenkomst getekend. We hebben pas zojuist vliegtickets ontvangen omdat we deze maand een week naar Japan gaan om ons te oriënteren op een woning met een makelaar. Mijn lief gaat daar wat belangrijke mensen ontmoeten in de organisatie. Ook zou ik met een relocator rond willen kijken naar een meubelzaak, het liefst een Japans alternatief voor IKEA, waar we wat meubels in ‘Japandi’ stijl zullen kopen om in te richten. Een gemeubileerd appartement is namelijk niet te vinden. Ons huis in Breda blijft ingericht zoals het is. Ik wil natuurlijk wat spullen van thuis meenemen zoals serviesgoed, want wij hebben zoveel in de kasten staan. Ik kan het makkelijk in tweeën verdelen. Ons bed met beddengoed, boeken en kampeerspullen willen we ook mee. Ik wil ook met de relocator naar Engelstalige yogalessen kijken, Japanse les, (internationale) supermarkten én Qigong lessen in de buitenlucht. In Japan heet dat vaak kiko. Het is een populaire, zelfhelende kunstvorm die beweging, ademhaling en meditatie combineert. In een Japans stadspark zie je vaak grote groepen deze bewegingen maken. Het lijkt me geweldig dit samen met mijn lief te doen op een vroege zaterdag- of zondagochtend! De stap naar een nieuwe baan voor mijn lief gaat ons naar een grote reeks veranderingen leiden. Het lijkt wel alsof we ons met een grote liaan naar de overkant laten slingeren. Wij zijn nu voorzichtig een drempel aan het overstappen, maar nog lang niet aangekomen in ons nieuwe huis. Een tussenfase, dat dit wat langer duurt vinden we heel fijn. Ik mag lang stilstaan bij de grote verandering en dat geeft mij een gevoel van luxe en vrijheid. Het geeft een grotere diepte van ervaring als ik er de tijd voor kan nemen. Uit iets dat nog geen vorm heeft kan van alles ontstaan en alles is mogelijk. Qua woonplaats, qua woning, qua inrichting, qua daginvulling, qua vrijetijdsbesteding en invulling van reizen… Álles is mogelijk en daarin zit de magie. Elementen van het oude zitten door het nieuwe ingevlochten zoals wat meubeltjes, foto’s van thuis, ons eigen bed en dagelijks servies dat we meeverhuizen en vergeet niet dat we onszelf meenemen! Omdat het proces niet zo snel gaat, verkeren we al maanden in het niet-weten, in het vertrouwen dat het wel goed komt (optimisten dat we zijn). Ik denk zelfs dat wij misschien wel beter landen omdat we daar nu zorgvuldig tijd voor hebben gekregen, en gemaakt.  

dinsdag 7 april 2026

So much fun at Easter egg hunt, also in our greenhouse!
PANNENKOEKEN
Het grootste geschenk dat je iemand kan geven is oprechte aandacht.
- Richard Moss


Zo’n fijne werkdag achter de rug! Ik had een avonddienst en die beginnen bij ons tien voor vijf in de middag zodat we in zo’n tien minuten een overdracht kunnen krijgen van de middagdienst. De meeste bewoners kende ik al van mijn vorige dienst. Soms is dat helemaal niet het geval, dan zijn de wisselingen op de kamers kort op elkaar. De laatste weken, eigenlijk maanden, hebben we bewoners in het hospice die wat langer bij ons zijn. Iedereen die bij ons komt wonen heeft van de huisarts een levensverwachting van drie maanden of korter. Soms blijkt dat een stuk langer te zijn. De huidige bewoners komen graag aan tafel eten in onze woonkeuken. Ze hebben onderling een klik, zijn geïnteresseerd in elkaar. Uiteindelijk zitten ze in hetzelfde schuitje natuurlijk en dat verbindt. Op één van de kamers woont sinds kort een deelneemster van Vierhetleven dus ik ken haar al zo’n twee jaar. Bij haar achternaam. In het hospice gebruiken we over het algemeen de voornamen. Best wennen om deze heel aardige, lieve, wijze en respectvolle dame bij haar voornaam te noemen. Ze is tientallen jaren juf op een grote, bekende basisschool in onze stad geweest. Ze staat ontzettend positief in het leven en is heel dankbaar. Een voorbeeld voor velen. Ze kent erg veel mensen uit Breda en gelukkig herkende ze mij ook meteen toen ik voor het eerst op haar kamer kwam. Ook zij eet graag gezamenlijk mee aan de grote eettafel. Ze is een mensenmens. En ze is vandaag negentig jaar geworden! Ze wilde het in eerste instantie niet vieren, maar uiteindelijk toch maar wel. Ze had drie taarten besteld bij de beste bakker in mijn dorp. Voor al haar verjaardagsbezoek natuurlijk en voor ons, personeel. Ze wilde graag een pannenkoekenfeestje dus bakten de verpleegkundige en ik kleine pannenkoekjes, alles gedaan met één koekenpan. Dat ging langzaam, maar de sfeer aan tafel was er niet minder op. De kookvrijwilligster had die ochtend verse tomatensoep gemaakt dus die soep serveerden we in kleine porties vooraf. We hadden de tafel groots gedekt. Jam, chocoladepasta, pindakaas, slagroom, poedersuiker en schenkstroop op tafel gezet. Alle bewoners waren uitgenodigd voor pannenkoeken en ze kwamen ook allemaal. Eén mevrouw was te ziek om uit bed te komen maar ze wilde dolgraag een versgebakken pannenkoek. Eén bewoner had kort voor de maaltijd het gevoel gehad dat hij dacht bijna te sterven. Hij was wat angstig, daardoor benauwd en wilde graag afgeleid worden. Hij kwam ook eten aan tafel. Zodoende hadden mijn collega en ik ook ruim twee uur de tijd om er aan tafel bij te zijn. De kamers waren tenslotte leeg. Ook wij aten ieder een kop soep en twee pannenkoeken. We sloten allemaal af met een stuk slagroomtaart. Tijdens het diner werd er twee keer aan de voordeur gebeld en bracht ik de jarige job het cadeau dat ze uitpakte aan tafel. Toen iedereen weer op de kamer terug was heb ik de keuken flink opgeruimd en ben daarna bij de mevrouw, die in bed lag, gaan zitten. Ze had net een telefoontje gehad van haar zoon en ze was een beetje paniekerig daarvan. Ik ging op mijn hurken zitten en legde mijn hand op haar buik en vroeg haar ernaar toe te ademen, haar ademhaling zat zo hoog. Ondertussen vertelde ze over haar twee zonen en haar man die heel jong overleden was. Ze werd zo verdrietig van de gedachte haar zonen te moeten achterlaten. ‘Heeft u het daar met uw zonen over gehad?’ vroeg ik haar. Dat had ze niet, want dat zou ze juíst verdrietig maken. De grote roze olifant in de kamer. ‘Misschien is het voor uw zonen wel heel fijn dat u uw verdriet benoemt zodat zij een opening zien om ook hun gevoelens met u te delen? Hoe fijn zou dat voor jullie alledrie zijn?’ Wanneer zulke gevoelens uitgesproken worden kan dat, denk ik, zorgen voor verbinding. Ze werd heel rustig van dit voorstel, dacht erover na en zei kort daarna dat ze het een heel fijn idee vond. Ze beloofde me dat ze het morgenochtend meteen ging doen. Ze was heel dankbaar dat ik de tijd had genomen om naar haar te luisteren en met haar te ademen. Het voelde heel fijn om betekenisvol te kunnen zijn voor haar. Later bespraken wij als collega’s deze avond samen op kantoor nog even na. De onvergetelijke maaltijd voor de bewoners met de juiste vibe in de keuken. Het rustige gesprek vooraf met de meneer die dacht dat zijn einde snel naderde en het aandachtige gesprek met de dame in bed achteraf.  Wat een heerlijke dienst was dit! Ik zweefde daarna in de donkere avond op mijn fiets naar huis. 


Pasen. Bij ons thuis twee dagen van rust maar ook van kleine tradities of rituelen. Onze meiden kwamen thuis. We ontbeten lang en uitgebreid met elkaar in pyjama. Tafel mooi gedekt. Met kaarsen op tafel en op elk bord een grote chocoladehaas. Veel lol met eitjes zoeken in de tuin. Geen hoogstandjes, geen stress. Geen feestelijke kleding, ‘op je Paasbest’ houdt bij ons thuis in wat je lekker vindt om te dragen. We ontvangen nooit bezoek deze dagen, en gaan ook nooit op bezoek. Deze dagen zijn een uitgelezen remedie tegen het stressgevoel, omdat we steeds maar van alles moeten. Van onszelf en van de buitenwereld. Wij pakten met Pasen samen een bioscoopfilmpje, liepen hard, wandelden in de stuifduinen bij Drunen en aten in de avond iets wat we allemaal lekker vinden. Verse asperges met ham en gepocheerde eitjes, en de tweede dag draadjesvlees met rode kool. Ik heb op een bepaalde manier best een rustig, saai leven. De zorg voor de tuinkas, zorg voor de tuin, zorg voor de poezen, zorg voor mezelf, zorg voor mijn gezin en zorg voor ons fijne huis. Toch, wat is er eigenlijk saai aan de toegewijde zorg voor de plek waar je dagelijks ontwaakt en slaapt, waar je eet, drinkt, liefhebt en je vrienden ontvangt? Iedereen weet dat alles om je heen voortdurend verandert, dat de wereld nu eng is en het leven grillig en dat alles zomaar afgelopen kan zijn. Het kleine dagelijks leven vormt voor mij een krachtige verdedigingsstrategie. Het biedt mij voorspelbaarheid en daarmee een geruststellend gevoel van veiligheid. A little love and affection in everything you do. Van huiselijke bezigheden word ik niet alleen rustig, ik schiet er ook nog wat mee op. Ze zijn belangrijk. Het dagelijks leven is een sterk onderschatte bezigheid. Dieren in het wild zijn het grootste deel van hun tijd bezig met voedsel vergaren en een veilige slaapplek regelen. Het dagelijks leven is in feite het échte leven.