![]() |
| Baby seaturtles sanctuary |
‘The best education you will ever get is traveling. Nothing teaches you more than exploring the world and accumulating experiences.’
Sprookjesachtig. Sereen. Ik kan geen andere woorden bedenken voor wat ik net gezien heb. Ons gezin ging met Rivi, soort aanspreekpunt van de tien huisjes op palen hier, op zijn boot naar onbewoond Kakaban eiland. Een uurtje varen van ons eiland Maratua vandaan. Vandaag gaan we twee Derawan eilandjes van de archipel verkennen. Met de kleine motorboot van Rivi. Twee meter hoge golven en wij klapten ruw op de bankjes op en neer. Best eng. We begonnen dus met ons bezoek aan Kakaban eiland. Het werd laag tij dus Rivi moest bij zijn bootje in zee blijven die met een touw vast zat aan een heel lange houten pier. Wij staken zelf met z’n vijfjes het kleine eilandje over via een getimmerd pad door de bush. We vonden het lagoon. Een groot lichtgroen water omzoomd door jungle. We lieten ons in het warme, zoute water zakken met onze duikbrillen op en zagen honderden of nee, duizenden kwalletjes. Oranje kwalletjes in alle maten die in alle rust bewogen. We wisten dat ze niet gevaarlijk waren. In het begin was het een beetje eng zo’n glibberig beestje dat langs je voet of hand gleed. Wat later pakten de meiden ze met hun handen uit het water. Rustig drijvend boven de liefelijke kwalletjes vond ik het allermooist. Wonderlijk dat al die duizenden doorzichtige beestjes hier in de lagune bij elkaar zwommen. Ze trokken zich niks aan van mensen. Een heel magisch sfeertje. Terug de boot in was een enorme uitdaging. De boot was erg diep gezakt met het lage zeewater mee. De golven lieten het bootje alle kanten op bewegen. Ik heb hoogtevrees en moest van het gammele houten trappetje flink diep springen. Nu op weg naar het tweede eilandje. Onderweg stopte Rivi de motor. We zagen zwarte vinnen uit het water steken, toch geen haaien? Die zitten hier namelijk ook, net als dolfijnen. Het bleken zwarte manta ray’s te zijn. Reuzenroggen. Gemiddeld een doorsnee van ruim vier meter. We konden ons zachtjes in het diepe water laten zakken. Een unieke gelegenheid. De manta’s hadden zich al zo’n zeven weken niet laten zien. Het bleken er een stuk of vijf te zijn. Stoer. Eenmaal in het water bleken wij niet zo stoer meer. Mijn lief wel. Hij keek ze aan in die enorm grote bek waar ze plankton mee eten. Ze zwommen heel senang om ons heen. Vlak onder het wateroppervlak. Rustig met die grote zwarte vinnen wiegend op en neer. Vlinders van de zee. Volgens mij zijn ze bijziend, want ze zwommen recht op ons af. Ze zijn heel nieuwsgierig, intelligent ook. Ik en de meiden zwommen doodsbang als een kluitje tegen elkaar. ‘Links komt er één!’ gilde de een, ‘Kijk uit rechts!’ riep de ander. Rivi had gezegd rustig te blijven drijven als er eentje op je af komt. Dat druisde zó tegen m’n gevoel in. Ik wilde me zo snel mogelijk uit de voeten maken. Trappelen of zwemmen mocht juist niet. Bang voor de lange pijlstaart. Jongste dochter zat op mijn rug geplakt. Ik had zelf stevig de arm van middelste vast. Oudste plakte ook tegen ons aan. Zonder m’n bril met sterkte in het water voelde ik me ook wat onzeker. Zie ik ze wel allemaal? Ik wilde de boot weer in. Iedereen klom daarop de boot weer in. Rivi vertelde toen pas, rijkelijk laat naar mijn mening, dat de pijlstaart van deze manta’s niet giftig is. Hij stelde voor nogmaals het water in te gaan en dat hij onze GoPro meeneemt om onderwater te filmen. Ik bleef achter op de boot. Rivi was duidelijk niet bang. Hij zwom over de reuzenmanta’s heen, benaderde ze heel dichtbij. Hij kon ook lang onder water blijven waardoor hij een prachtfilm van ons gezin met reuzenroggen maakte.
Weer opgewonden in de boot om deze unieke ervaring gingen we verder op weg naar het volgende onbewoonde eilandje Sangalaki waar ze beschermde schildpaddeneieren uitbroeden. In een bak met zeewater zwommen tientallen bijna zwarte baby turtles. Zoooo schattig! We hielden de kwetsbare zeediertjes in onze handen vast. Ze warmden zich op aan onze handen en dommelden dan bijna in slaap, de schatjes. We konden er geen genoeg van krijgen. Zo aandoenlijk. Dezelfde middag, iets later bij zonsondergang, mochten ze in zee. Iets groter gegroeid dan in de vrije natuur, maar nog steeds een makkelijke prooi voor zeearenden en haaien. We konden helaas zo lang niet blijven wachten. Het uitzetten in zee hebben we in Mexico gelukkig wel eens gedaan. We waden terug door laag tij naar het bootje waar we onderweg zeesterren en meerdere witte sand dollars vinden. Dat brengt geluk. Nog één keer gaan we snorkelen bij het koraalrif. Bijna onaangetast. Diep water waardoor we lekker diep kunnen zwemmen. Grotere tropische vissen. Felle kleuren. Prachtig en zo rustgevend. Ik ben zo dol op snorkelen. Onze meiden zwemmen er als vissen tussen. Wanneer Rivi zijn bootje weer aan het strandje voor onze lodges wil aanleggen zien we megagrote schildpadden in het ondiepe aquablauwe water. Indrukwekkend hoe die kleine zwarte baby’tjes van zo’n vijf centimeter kunnen uitgroeien tot imposante schildpadden van bijna een meter groot. Elke ochtend bij het ontbijt zien we zo’n twintig koppies steeds boven water adem halen. Als we eind van de middag gaan zwemmen zien we ze met onze snorkels. Wat een prachtige (onderwater) natuur vinden we hier in de paradijselijke Derawan eilanden archipel.
Maratua | 18 augustus 2023










