I like a good story and I also like staring at the sea - do I have to choose between the two?
- David Byrne
Ik heb net foto’s gemaakt van de twee jongste telgen in hun bikini springend in de hoge golven van de grijze, lauwe Noordzee. Eenmaal lezend op mijn handdoek op het witte strand trek ik steeds meer kledingstukken uit. Eerst alleen mijn lange broek. Ik heb toch een zwarte slip aan. Niemand die het opmerkt onder mijn zwarte t-shirtje. Niet veel later trek ik toch ook maar mijn t-shirt uit. De bewolkte lucht is helemaal opengebroken. De zon is hier krachtig aan de Deense kust. Ik draag een zwart BHtje dus liggend op mijn handdoek ziet dat er niet vreemd uit. Bovendien...zo druk is het hier helemaal niet. Er zijn ook geen strandpaviljoenen, parasols of ligbedjes op het strand. Heel natuurlijk allemaal. De tegenstelling met Noorwegen kan niet groter zijn. De bijna rimpelloze, ijskoude aquagroene Noorse fjorden waarvan het water te koud is om in te zwemmen. Geen witte, lange zandstranden maar kleine kiezelstrandjes of een houten pier. Rondom bergen. Dezelfde avond zitten we verscholen in een duinpan naar de zonsondergang in de Noordzee te kijken. Met z’n vijfjes zittend op een picnickleed en een fleecekleed over onze benen. We hebben een thermoskan thee mee en een pak koekjes. De zon zakt, maar er schuift een wolk voor en uiteindelijk zien we alleen mooi zachtroze-oranje zwemen licht over de hemel. Geen groen Noorderlicht. We zijn al helemaal afgezakt naar het midden van Denemarken. Jutland. We staan met de Volkswagenbus achter de met helmgras begroeide duinen. Er staat flink veel zeewind, daardoor trekt de lucht snel open. De eerste ochtend na onze aankomst waren we voorbereid op veel regen. Regenjassen lagen klaar toen we naar bed gingen voor het geval dat we in de nacht door de regen naar het toiletgebouw moesten. Verbaasd waren we toen we gewekt werden door zonnestralen! De zon blijft kennelijk met ons meereizen. We ontbijten en lunchen uiteindelijk de meeste dagen naast de bustent. In de luwte van de zeewind. We maken heerlijke strandwandelingen. Zeelucht. Mijn lief en ik fietsen zes kilometer op onze vouwfietsjes door ‘t zonnetje naar het dichtstbijzijnde dorp Hvide Sande. Een nietszeggend dorp aan zee met een behoorlijk grote haven waar net een grote houten driemaster aanlegt wat zorgt voor wat aanloop van toeristen. We zitten samen op een zonnig terras kijkend naar de bedrijvigheid op de kade onder het genot van een Deens taartje en een drankje. We hebben de verlaten, ruige natuur van Noorwegen achter ons gelaten. Op onze allerlaatste dag in Denemarken is het weer zeer onstuimig. Zomaar, tussen de zonnestralen door, plenst het ineens. Het stormt flink hard. Bijna veertig kilometer per uur. De afgelopen nacht ging de bustent flink tekeer. Ook onze hippiebus kraakte en piepte wat af. Ik sliep er lekker doorheen. Ondanks de vurigheid van de hoosbuien fietsen mijn lief en ik uren te midden van de Noordzee en een groot fjord. Fietstochten door de Deense duinen in plaats van wandeltochten door de Noorse bergen.
“Dat zag er prachtig uit!” zegt de Duitse vrouw op het strand. “Jullie in de zee met die zeehond in jullie armen. In het zachte licht van de ondergaande zon.” Mijn lief en ik stonden met onze lange broeken aan tot onze knieën in de Noordzee. Inderdaad, in onze armen lag een jonge zeehond. Ingerold in ons picnickleed. Mijn rugzakje, camera en onze schoenen lagen op het strand. De Duitse vrouw met de hond zou er een oogje op houden. Eerder kwam haar tienerzoon ons tegemoet toen we niet lang voor zonsondergang samen langs de vloedlijn aan het wandelen waren. Of we wilden helpen de zeehond in zee te dragen. Zijn moeder kon natuurlijk niet helpen vanwege de hond aan de lijn. Het diertje was bang dus om te voorkomen dat hij ons zou bijten rolden we hem in ons picnickleed. Op het moment dat we de zeehond uit het kleed het water in lieten glijden maakte hij weer rechtsomkeert naar het strand. Toen zagen we ook dat hij gewond was in zijn wang... De arme zeehond kruipt uit de zee het strand op. Op dat moment komt er een Duitse man het duin afrennen richting ons. We moeten de zeehond laten rusten. Als het beest er aan toe is zal hij zélf de zee weer opzoeken. Fair enough. Dus pakken we onze spullen weer op en lopen verder in onze natte broeken. Zou de jonge zeehond ‘t redden tot de nieuwe morgen?
Hvide Sande - 8 augustus 2019