dinsdag 24 april 2018

Levensmoe

Een mooi uiterlijk vervaagt met de jaren, maar een goed hart houd je voor altijd mooi.
- Karen Salamsohn

We zitten naast elkaar op een bankje in de zon. De rollator staat ernaast. Een boekje met plantennamen in het mandje. We kijken uit op een groepje ganzen en siereenden achter een hek. We zijn op de kinderboerderij. Een klein jongetje maakt bange geluiden en daar reageren de ganzen weer op met luid gakken. De bijna 100 jarige naast mij kan er niet echt van genieten zegt ze tegen me. “Anja, mijn lijf is zó moe. Het gaat gewoon niet meer.” Ik ken haar nu een maand en na de blaasontsteking heb ik haar verward zien raken. Het gebeurt vaker dat ouderen bij een ontsteking in een delier geraken. Toch is ze er flink bovenop gekomen. Ze weet dat ze soms wat verward is. Ze vergeet dingen die ze al haar hele leven weet. Hoe lang ze getrouwd was, of ze in de oorlog getrouwd is, hoeveel kinderen haar dochters hebben. Ze weet het gewoon niet meer. De eerste keer dat ik haar ontmoette moest ze huilen. Ze is levensmoe. Ze is op, maar haar hart is sterk. Nu hier zittende op het bankje op de kinderboerderij waar ik haar gebracht heb, vertelt dat ze me dat haar einde nabij is. Ze ademt zwaar. “Hoe weet u dat?” vraag ik haar. "Ik voel het” antwoordt ze. We praten nog even door. “Zullen we maar lekker naar huis gaan?” vraag ik haar ondanks dat haar dochter me gevraagd had met haar moeder te gaan wandelen. Dochter had het plantenboekje hoopvol in het mandje gelegd zodat we een stukje in het bos zouden wandelen. Nog niet zo lang geleden had ze dat gekund. Nu niet meer. Mevrouw koos voor de kinderboerderij. Zittend in de stilstaande auto bij haar voor de deur praten we nog even verder. Ze zegt dat ze geen wandelingetjes meer wil maken, dat haar lichaam op is. Ik zie de vermoeidheid. Ik constateer haar geheugenverlies. Ik zie vandaag de levensenergie bijna letterlijk uit haar lijf weg vloeien… Toen ik een uurtje eerder bij haar voor de deur stond deed ze open op haar kousenvoeten, zonder ondergebit en zonder bril. Ze is gewoonlijk zo’n nette dame! Toen we naar de huiskamer liepen zag ik haar schoenen naast het bed staan, haar gebit lag op het sprei en haar bril op het nachtkastje. Ik vroeg of ik haar soms wakker gebeld had en dat was zo. Haar ogen zagen er zonder bril heel oud uit. Voor het eerst keek ik goed naar haar bijna 100 jarige ogen. Ze stonden heel moe. Na het bezoekje aan de kinderboerderij gaan we op haar balkon wat drinken. Ze herhaalt nogmaals dat haar einde heel nabij is. Ze wil gecremeerd worden. Ik vraag haar wat de mooiste periode in haar lange leven geweest is. Ze denkt even na en antwoordt dan dat haar hele leven goed was. Ze hadden het goed in haar ouderlijk gezin, een fijne sfeer thuis. Ze mocht als meisje een vervolgopleiding doen en is schooljuf geweest. De oorlog is niet heel hevig voor haar geweest. Ze heeft een heel goed huwelijk gehad. Haar drie kinderen hebben alledrie een leuke partner getroffen en zijn goed terecht gekomen. Ze weet niet meer hoeveel kleinkinderen bij elk gezin horen. Op het bureau ligt een geplastificeerde levensboom van haar familie. Om haar te helpen herinneren. Op tafel een boek met foto’s van haar broers en zussen, kinderen en kleinkinderen. Daar bladert ze graag in. Het breiwerkje dat er naast ligt heeft ze al lang niet meer aangeraakt. Ik help haar de kant-en-klare maaltijd op te warmen in de magnetron. Ze dekt de tafel voor één en ik schenk een glas water en een glas sap voor haar in. Ze moet goed drinken bij deze warmte en zeker om een volgende blaasontsteking te voorkomen. Ze loopt met me mee naar de voordeur om me uit te laten. Ik pak zachtjes haar bovenarm en twijfel of ik haar een kus zal geven. Ik heb het gevoel dat ik haar niet meer ga zien. Ik ken haar pas een maand, dus ik doe het niet. In plaats daarvan zeg ik haar dat ik haar vrijdag weer zie. In mijn hoofd denk ik van niet, ik vraag me af of ze dat voelde. Ik zwaai en ze sluit de voordeur. Eenmaal thuis stuur ik haar kinderen een berichtje met het verslag van mijn bezoek. Na een slapeloze nacht vol peinzen en nadenken hebben ze besloten hun moeder meteen op te laten nemen in een zorghotel. Toen ik hun antwoord opende verwachtte ik te lezen dat ze heen gegaan was. Helaas voor haar was dat niet het geval. De verhuizing is voor haar niet meegevallen hoorde ik een paar dagen later. Ik wens haar toe dat haar einde inderdaad nabij is zoals ze het zelf graag wil.

Onze kruiwagen wordt geleend. Ik hoor de buren in de achtertuin zwoegen en praten over de agressieve aanval van rupsen. De buxusmot heeft zich vorig jaar in onze straat gemanifesteerd en de eerste buren zijn dit weekend begonnen hun buxushaagjes te verwijderen. Onze voortuin bestaat uit vakken van een volwassen buxushaag die we vijftien jaar geleden geplant hebben. Ik wil nog niet zo makkelijk opgeven. Met twee dochters heb ik jampotjes vol rupsen met een pincet uit de boompjes geplukt. Bijna honderd in een uur! Dochters gaan nog een paar dagen door. Honderden rupsen! Vorig jaar deed ik het net zo en dat ging eigenlijk best goed. Er is nog maar een meter haag aangevreten door de rupsen, de andere veertig meter staat er frisgroen bij. Met mijn lief ben ik in het afgelopen zonnige weekend rustig naar een nabijgelegen tuinderijdorp gefietst. Daar rupsengif en buxusmest gekocht. Als de boompjes namelijk sterk zijn kunnen ze een rupsenaanval overleven. Natuurlijk ook meteen een geurende kamperfoelie voor de bijtjes gekocht. De arme bijtjes die het wereldwijd zo zwaar hebben… Bijen zijn zó nodig voor het veelzijdige groen op onze planeet. Ik had een kort filmpje van een TED talk over de bijenpopulatie gedeeld met vrienden, en onze buurt’app. Ik kreeg zoveel positieve, enthousiaste reacties uit de straat. Foto’s van zakjes aangeschaft bloemenzaad werden vurig gedeeld. Wij hebben zelf voor honderd vierkante meter veldbloemenzaad gestrooid op de landelijke zaaidag. Aan de voorkant van ons huis en langs de groenstrook aan de overkant. In ons straatje zullen de bijtjes straks een lint van bloemen vinden! Elke stapje is er één om de bij - en daarmee de toekomst van onze planeet - te redden!