woensdag 12 augustus 2015

Tropische herinneringen

Als een bepaald gevoel je hart raakt, wees daar dan helder getuige van en schuif het niet eenvoudigweg terzijde.
- Ajahn Chah

Lobi lafu. Liefde lacht. Mooie Surinaamse woorden. Echte liefde is als je lieverd met je mee loopt naar het strand, omdat je zo graag voor de állerlaatste keer op Tobago wilt snorkelen - ookal snorkelt hij zelf niet. Terwijl ik helemaal in m´n uppie in zee zwem zit Mark op een stuk drijfhout op mij te wachten. Op een verlaten bounty island. Er is helemaal niemand in deze baai. Alleen overhangende palmbomen die mooi afsteken op het witte strand. Kabbelende golfjes van azuurblauw water. Een pelikaan vliegt voorbij. Onderwater zie ik de mooist gekleurde vissen. Tóch vind ik het ook heel spannend. Zo alleen. Er is hier verschrikkelijk veel koraal. Het water is dus ondiep zodat je lijf best dichtbij het koraal komt. Oók koraal waar je brandende plekken van krijgt als je het aanraakt. Zee egels zijn er ook. Ik draag geen flippers. Niet gaan staan dus. Het alternatief is door de diepe openingen tussen het koraal te zwemmen. Mooier eigenlijk, want daar zwemmen veel vissen. Het benauwt me alleen soms. Zo krap. Ik zie in zo´n opening een blauwe, lange aal. Minder leuk. De baai is piepklein. Bj de rotsen zitten echter de allermeeste vissen. Wel uitkijken; de golven slaan stuk op de rotsen. Spectaculair. Boven water zie ik Mark zitten op het strand. De schat! Wat een mooie herinnering hebben we gemaakt. De dag ervoor hadden we óók een heerlijke herinnering. Na zo´n drie kwartier lopen door de jungle kwamen we bij een verborgen waterval. Met het filmisch decor van “Blue lagoon”. We klommen heel behendig langs een steile rotswand en daar ontpopte zich een hoge waterval die in een blauw meertje kletterde. Met z´n vijfjes onderzochten we de stenen onder water en bewogen we ons steeds dichter bij het vallende water. Ineens plonsten er - als kokosnoten uit een boom – allemaal kleine donkere jongetjes in het water. De waaghalzen sprongen van een hoge rots naar beneden. Om indruk op ons te maken. Ze klommen in de waterval tussen een spleet omhoog, maakten de gekste sprongen. Nu durfden wij óók in de spleet tussen het vallende water te klimmen! Twee kleine jongetjes konden nog niet eens zwemmen. Zij dreven met een zelf meegebrachte jerrycan. Een verborgen juweeltje in de jungle van Tobago!

Tijdens onze tussenstop in Suriname op weg naar México gingen we rivierdolfijntjes spotten bij zonsondergang. In het brakke water tussen de zoute oceaan en de zoete rivieren. We hebben ze gezien. Kleine dolfijntjes met schattige roze buikjes! Voor het eerst in ons leven zagen we zoetwater dolfijnen. De zonsondergang op de rivier langs de mangrove bossen voelde heel zwoel, heel tropisch en Surinaams. Zo ook Mark´s natte broek en schoenen. Toen hij later diezelfde avond, op de Pasar Malam, met Maren mee liep. Even weg van de drukke markt. Maren moest nodig plassen. Mark wees haar een plek aan. Maren vond het echter te donker. “Welnee!” riep Mark. En stapte prompt in een soort moeras! Hij bleef heel relaxed nog even met ons mee lopen over de markt. Wachtend in zijn zompige, natte gympen. Op onze warme stroopwafels die heel veel bereidingstijd nodig hadden. Ook geduldig wachtend op mij terwijl ik de traditionele kleding van de inheemse Amazone indianen fotografeerde. Pas later in het licht van een straatlantaarn zie ik hoe hij er bij loopt. Tot zijn kruis nat van het stinkende slootwater!

Aruba – 10 augustus 2015