“Autumn is as joyful and sweet as an untimely end.”
― Remy de Gourmont
One, two, three, four… Opletten en goed meetellen. Vooral bij de draai gaat het telkens mis. Ik sta in Paradiso, midden in Amsterdam. In de kelder wel te verstaan. Een bachata workshop. En ik dans niet eens met mijn lief. Eerder op de dag hadden we de auto bij een Park & Ride in Amsterdam achtergelaten en op de vouwfietsjes naar onze Airbnb gereden. Weekendtas daar neergekwakt en over de Weesperzijde naar het Leidseplein gefietst. Van het tochtje ging mijn hart sneller kloppen. A trip down memory lane. We reden langs het Amstelhotel waar we onze trouwfoto’s vierentwintig jaar geleden genomen hadden. Ik vond het zo leuk dat ik enthousiast naar mijn lief riep dat we de foto opnieuw moesten nemen. Nú! Dus fietsjes aan de kant en precies die plek op de brug opgezocht. Eten met de vriendengroep uit onze studententijd. Alweer zo’n dertig jaar geleden. En toen kwam het leukste: opnieuw naar het concert van Rowwen Hèze. Met de vrienden van mijn eega die zijn vrijgezellenparty daar destijds vierden. Díe mannen, met hun vrouwen, die precies een jaar later de reünie van dezelfde vrijgezellenparty daar wederom vierden. En nu, decennia later, weer díe mannen met dezelfde vrouwen! Hoe gaaf is dat! Als briljant cadeau voor onze 50-jarige verjaardag. De groep splitste zich in de menigte van Paradiso op en mijn lief en ik bleven bij het groepje in het midden van de zaal. Het is niet perse mijn muziekkeuze, maar ik stond daar nu toch dus stortte ik me er helemaal in. Meelallen met de Limburgse refreinen, springen, bedolven onder het bier, bezweet van het pogoën en helemaal in mijn sas. Vooral genietend van het plezier van mijn wederhelft die een ieder van ons meenam in de menigte om ruig te dansen. Of was het een soort springen en tegen iedereen aan botsen? Na het concert werden de liters bier van de vloer gedweild en alle plastic bekers opgeveegd. We verdwenen naar de kelder om daar in de bar nog wat met elkaar te drinken. En om ons aan een salsa dansje te wagen. Niet veel later begon er namelijk boven een Latin District avond met een DJ en drummers op het podium. We bleven met vier diehards over. Hoe bijzonder was het dat we op dit uitverkochte feest terecht kwamen, in het legendarische Paradiso? Tussen allemaal relaxte millenials die heel cool aan het salsa en bachata dansen waren. Bijna allemaal waren ze verdoofd door wat alcohol of een pilletje dus het viel ze helemaal niet op dat er vier oudjes op de dansvloer uit hun bol gingen. En enorm naar oud bier stonken… De volgende dag hadden we spontane, bijzondere ontmoetingen. Hoe leuk is dat? Tijdens het ontbijt in de Airbnb met een oud directeur van Starbucks en Unilever. Toen we door ons oude buurtje fietsten kwamen we in gesprek met een dame die bijna dezelfde VW bus had als wij, maar omgebouwd tot een fotobus. We mochten als cadeautje voor Burendag in haar bus op de foto. We schuilden later tegenover de Hortus Botanicus voor de regen in een pandje volgestouwd met oldtimers voor een veiling. Ook met die oude meneer een geanimeerd gesprek gehad. Ik geniet daarvan. We dronken wat in het gerestaureerde, voormalig badhuis op het Javaplein waar we een steenworp vandaan woonden. We slenterden natuurlijk over de Dappermarkt, fietsten langs Artis en pakten het IJ-veer naar Noord waar we spontaan het Mandelahuisje - waar Anna van Praag in een ander leven taarten bakte - bezochten. We lunchten met uitzicht op het IJ en het Centraal Station. We aten natuurlijk een slagroomijsje bij bakkerij van der Linde. We slenterden over de Dam, door de negen straatjes en liepen ineens langs de Westertoren in de Jordaan en bekeken de nieuwe ingang van het Anne Frankhuis. Het was allemaal heerlijk! Deze stad heeft een vibe die mijn hart sneller doet kloppen. En natuurlijk de melancholiek. We volgden onze voetstappen die we, toen samen nog jong en een heel leven voor ons, daar hadden achtergelaten. We zijn langs ons eerste huisje gefietst. Een nieuwe voordeur, een muur eruit maar toch nog óns eerste huisje samen. Het benedenhuis met de grote tuin met appelboompje. Samen getrouwd vanuit dat huisje. We fietsten onwillekeurig langs diverse plekjes waar de trouwfoto’s gemaakt werden. Het Wertheimpark, fontein aan het Frederiksplein, de Hogesluis naast het Amstelhotel en zelfs de trap waar mijn lief mijn jurk opstroopte om mijn blauwe kanten bandje te ontdekken. Volop nostalgie!
Al nuchter sinds de dag ervoor om zes uur, zaten Jut en Jul schuchter in de grote kennel die we ooit aangeschaft hadden om onze katten mee naar Mexico te laten vliegen. Twee paar bange amberkleurige kattenoogjes kijken ons aan door de tralies. De dierenarts roept ons binnen. Ze worden gewogen, gecheckt en de chipnummers worden gecontroleerd. Het moment is daar. We laten de twee baby’s achter voor hun operatie. Ik vind het heel spannend. Ten eerste omdat ik weer rond het middaguur mag bellen naar de praktijk. De laatste keer dat ik dat deed kreeg ik het verschrikkelijke nieuws te horen dat onze oude kater een tumor had en dat we een paar uur later afscheid mochten komen nemen. Ten tweede heb ik een trauma opgelopen toen we onze eerste poes lieten steriliseren. In Amsterdam. Ik moest kort na de operatie voor mijn werk twee dagen naar Groningen. Toen ik eenmaal thuis kwam had ze de hechtingen er zelf uit getrokken…. Ik loop nog steeds met een schuldgevoel rond. Ook omdat diezelfde poes, toen ze vier jaar oud was, door een cyote opgegeten was destijds in The States. En ik had al zo’n medelijden met haar omdat ze in haar uppie naar The States gevlogen was en daar in Boston ook nog in quarantaine moest. Ze was zó blij toen ze na weken wachten onze stemmen hoorde. Manlief was vanochtend mee gegaan voor morele steun. Heel lief. Mijn werkdag ging snel voorbij en voor ik het wist mocht ik de twee slaperige baby’s, lekker tegen elkaar aan, weer mee naar huis nemen. Tegenwoordig zitten de hechtingen niet meer aan de buitenkant, dat was een opluchting. Ik heb bijna twee uur met de warme lijfjes op en naast me doodstil op de bank gezeten. Warme fleece-kleedjes over ze heen gedrapeerd en de kachel lekker hoog. De verkoeverkamer. Ze mochten geen eten, alleen wat water. Veel slapen. De volgende ochtend mochten ze een beetje gekookte kabeljauwfilet. Het meisje had nog pijn en was heel voorzichtig. Het jongetje had alweer een gezonde trek en had de bak ook al gebruikt. Het meisje had vergeleken met het jongetje best een zware buikoperatie gehad en natuurlijk veel langer hersteltijd nodig. Hij was echter zó lief voor haar! Hij ging steeds lekker warm tegen haar aanliggen. Zij deed eigenlijk niks anders dan slapen… Soms ging hij haar helemaal wassen. Daar genoot ze zichtbaar van. Wat zijn huisdieren toch kwetsbaar. Zo afhankelijk van onze zorg! Zij mocht nog niet teveel springen vanwege haar wond. We tilden haar steeds voorzichtig op als ze op het punt stond om te bewegen. Hij rende al na een dag als een bezetene door de huiskamer. Zij een paar dagen later trouwens ook. En dat terwijl ze tien dagen lang niet mochten traplopen, springen of naar buiten.…